Blog ‘Muziek in de journalistiek’ #10

Quint Kik is onderzoeker bij het Stimuleringsfonds en verwoed muziekliefhebber. Om niet geheel te verdrinken in de cijfers van zijn huidige onderzoek naar de kwaliteit van de nieuwsvoorziening in de regio, blogt hij in zijn vrije tijd wekelijks over ‘lofzangen’ op de pers. Deze week: Kevin Carter van de Manic Street Preachers.

Zijn oorlogscorrespondenten tijdens hun carrière getuige van ellende in allerlei verschijningsvormen, de fotojournalist is de aangewezen persoon om al dit gruwelijks in beeld te brengen.

Soms komt hij daarbij voor moeilijke keuzes te staan, zoals de ten onrechte van egoïsme en effectbejag beschuldigde Kevin Carter. De Manic Street Preachers wijdden een nummer aan deze Zuid-Afrikaanse Pulitzer Prize-winnaar op hun doorbraakalbum Everything Must Go uit 1995.

Depressies en zelfverminking

Het nummer Kevin Carter kwam uit de pen van Manics guitarist Richey ‘James’ Edwards. Politieke statements verpakt als songs waren zijn voornaamste troef en drukten een zwaar stempel op het image van de Manic Street Preachers. In de periode dat de band werkte aan Everything Must Go, was Edwards bezig steeds verder van het padje af te geraken.

Het intellectuele hart van de band leed aan zware depressies en sleurde een lange geschiedenis van zelfverminking achter zich aan. Amper twee maanden nadat Edwards zijn laatste concert met de band speelde, verdwijnt hij volledig van de aardbodem. Wat volgt zijn eindeloze reconstructies, vermeende waarnemingen in het buitenland en het inschakelen van privédetectives. Het mag allemaal niet baten, Edwards wordt in 2002 officieel dood verklaard.

Pulitzer Prize-foto

Met Kevin Carter liep het niet veel beter af. Op een trip door het onder een zware hongersnood gebukt gaande Soedan schoot hij de foto die hem in 1994 de gerenommeerde Pulitzer Prize opleverde voor Feature Photography.

De bewuste foto waarop een gier op het punt lijkt te staan zich op een stervend kind te storten, kwam Carter in eerste instantie op veel kritiek te staan: waarom stak hij geen hand uit om het kind te helpen? De St. Petersburg Times ging zelfs zover Carter "another vulture on the scene" te noemen.

De aan Carter gewijde wiki bevat een alternative account of the photograph die in 2005 een heel ander licht wierp op Carter’s handelswijze. Het door de honger verzwakte kind was samen met de andere kinderen van het dorp even alleen gelaten door zijn ouders, die hooguit een paar meter verderop het door de VN gebrachte voedsel in ontvangst namen. De gier op zijn beurt lijkt door het perspectief bijna bovenop het kind te zitten, in werkelijkheid bevond het beest zich 20 meter verderop aan de rand van de plaatselijke mestvaalt. Dit inzicht kwam ruim tien jaar te laat; koud twee maanden nadat Carter de prijs in ontvangst had genomen, pleegde de depressieve fotojournalist zelfmoord door de uitlaatgassen van zijn auto in te ademen.

Indrukwekkende afscheidsbrief

Zijn afscheidsbrief maakte diepe indruk op de Manics, in het bijzonder op Edwards. Zelf zou Richey geen briefje achterlaten, slechts zijn paspoort, een tolkaartje en wat klein geld; aanwijzingen die tot op de dag van vandaag zijn naasten voor een raadsel stellen. "Many of his favourite artists left with a grand gesture, Richey just walked of the stage", aldus de conclusie in het relaas van Edward’s perfecte verdwijning in muziektijdschrift Mojo uit februari 2002.

Kijk en luister

Te vinden op Everything Must Go

Reageer

Geef een reactie

*