Blog ‘Muziek in de journalistiek’ #11

Quint Kik is onderzoeker bij het Stimuleringsfonds en verwoed muziekliefhebber. Om niet geheel te verdrinken in de cijfers van zijn huidige onderzoek naar de kwaliteit van de nieuwsvoorziening in de regio, blogt hij in zijn vrije tijd wekelijks over ‘lofzangen’ op de pers. Deze week: Citizen Kane van The Byrds.

Naast verstokte filmliefhebbers zou elke journalist de klassieker Citizen Kane gezien moeten hebben. Het uit 1941 daterende levensverhaal van de imaginaire krantenmagnaat Charles Foster Kane wordt alom beschouwd als één van de beste films aller tijden.

Daarbovenop heeft de creatie van regisseur en hoofdrolspeler Orson Welles niets aan actualiteitswaarde ingeboet, getuige het onverminderd opereren op de grens van aandeelhouderschap en journalistieke onafhankelijkheid van de Berlusconi’s en Murdoch’s van deze wereld.

Een beetje maf

In 1971 dook Kane op in het repertoire van sixties-iconen The Byrds, op het matig ontvangen album Byrdmaniax. Het repertoire uit de nadagen van de Byrds (1969-1973) is notoir ondergewaardeerd. Citizen Kane is wat dit betreft exemplarisch; het behoort tot de minst geliefde Byrds-nummers, waarschijnlijk omdat het zowel in tekstueel als in muzikaal opzicht in niets doet denken aan typische Byrds-nummers en ook wel een beetje maf is. Dat laatste kwam met name door de invloed van Kim Fowley de songschrijvende partner van bandlid Clyde ‘Skip’ Battin, die vooral bekendheid genoot als auteur van novelty-hits als Alley Oop.

In de tekst van het nummer Citizen Kane is het Skip en Fowley niet zozeer te doen om diens journalistieke of zakelijke aspiraties, alswel om het verval tot decadentie van de miljardair Charles Foster Kane. "In Xanadu did Kublai Khan a pleasuredome erect!" opent de film met een necrologie in de stijl van het polygoonjournaal. Kane’s Xanadu was een gigantisch, nimmer voltooid paleis met dierentuin dat de krantenmagnaat liet bouwen om zijn immense kunstverzameling te huisvesten en om zijn tweede vrouw te behagen.

Kijk en luister

Hoe zeer hij zijn tweede vrouw ook lief had, Kane liet in zijn krant The Inquirer niets heel van de door haar geambieerde carrière als operazangeres. Sterker, als eigenaar was het laatste wat hij wilde dat zijn lezers de waarheid werd onthouden. Weinig verrassend sterft Charles Foster Kane als kluizenaar in zijn eigen Xanadu, de Byrds lijken in het lied zijn lot te betreuren: Up in Xanadu / Diamonds fell like rain / Citizen Kane was king / Poor Citizen Kane .

Te vinden op Byrdmaniax. De stills zijn overigens niet afkomstig uit Citizen Kane,
maar uit Ciao! Manhattan (1972) waarin het nummer figureerde.

Reageer

Geef een reactie

*