Blog ‘Muziek in de journalistiek’ #13

Quint Kik is onderzoeker bij het Stimuleringsfonds en verwoed muziekliefhebber. Om niet geheel te verdrinken in de cijfers van zijn huidige onderzoek naar de kwaliteit van de nieuwsvoorziening in de regio, blogt hij in zijn vrije tijd wekelijks over ‘lofzangen’ op de pers. Deze week: Smog en Prince bezingen The Morning Paper.

Waar de krantenjongen nagenoeg uit het straatbeeld is verdwenen, bestaan er in Nederland nog genoeg krantenbezorgers die op onchristelijke tijdstippen hun bed uit moeten. Met het verschuiven van de nieuwsconsumptie naar internet kun je je zo langzamerhand afvragen wat nog de noodzaak is voor een krant om ’s ochtends vroeg te verschijnen. Getuige een recent gehouden experiment in het Franse plaatsje Auvergne, waarbij drones de krant bezorgden, is het trouwens de vraag wie er eerder het veld zal ruimen: de krant of de bezorger.

Ochtendkrant op de mat

Het zal Bill Callahan (aka Smog) allemaal een zorg zijn, The Morning Paper fungeert op diens verstilde meesterwerk Red Apple Falls uit 1997 louter als metafoor voor het onherroepelijke; de enige zekerheid die het leven biedt is de ochtendkrant die straks op de mat ploft. Louter gevuld met slecht nieuws, dus draait Callahan zich nog maar eens op zijn andere zij en slaapt rustig verder.

Smog gold midden jaren negentig als een van de vaandeldragers van een muziekstroming die door journalisten werd aangeuid als ‘lofi’. In feite een vorm van zolderkamervlijt die ook wonderkinderen als de vele malen bekendere Beck opleverde. Wat ze met elkaar gemeen hebben is onutputtelijke creatieve energie, een viersporenrecorder en een gebrek aan geduld. Diep van binnen zouden ze maar wat graag Prince zijn, met een state of the art studio aan huis en tomeloze drang naar perfectionisme.

Knapperend haardvuur

Prince haalt op zijn beurt The Morning Papers er bij in het gelijknamige nummer uit 1993. Een hopeloos romantische en vermoedelijk autobiografische ballade over het begin van zijn verhouding met achtergrondzangeres Mayte. Voor Prince geen koude zolderkamertjes, maar een knapperend haardvuur en dineren bij kaarslicht tot in de vroege uurtjes (zijn lief moet op tijd thuis zijn om de ochtendkrant van de mat te rapen).

Smog, een groot bewonderaar van Prince, doorprikt dit hoogst ongeloofwaardige scenario op zijn epische eerbetoon Prince Alone in the Studio (1995). Het is vier uur ’s ochtends, eindelijk is Prince erin geslaagd die perfecte take op band vast te leggen, maar intussen is zijn eten verbrand en zijn de meisjes met hun paarse ondergoed al lang en breed naar huis. Over een paar uur zal de Star Tribune worden bezorgd, met niets anders dan… Controversy!

Kijk en luister

Te vinden op Red Apple Falls, ‘(Symbol)’ respectievelijk Wild Love

Reageer

Geef een reactie

*