Hoe journalisten naar de relatie met hun publiek kijken: halverwege het onderzoek

journalisten en publiek

Al negen maanden doet Mijke Slot van de Erasmus Universiteit onderzoek naar de relatie tussen journalisten en hun publiek. Ze is nu precies op de helft. In de nieuwste aflevering van haar podcast  Klikt het? blikt Slot terug en trekt ze tussentijdse conclusies. 

In het eerste deel van haar onderzoek sprak Mijke Slot met journalisten en andere mediaprofessionals over hun relatie met het publiek; het journalistenperspectief. Uit die gesprekken bleek volgens Slot dat haar onderzoeksthema op veel Nederlandse redacties leeft. Hoe journalisten hun relatie met het publiek zien, verschilt echter per redactie en per journalist. Daarnaast lijken publieksinteractie en publieksparticipatie op de meeste redacties nog geen vast onderdeel te zijn van de dagelijkse praktijk.

De nadelen van ‘online’

Online publiceren en researchen is voor de meeste journalisten een vanzelfsprekendheid geworden. Toch heeft het internet voor veel redacties ook nadelen. Aan de ene kant biedt het allerlei extra mogelijkheden om informatie te verzamelen, met het publiek te communiceren, en nieuws te verspreiden. Bijvoorbeeld via social media. Aan de andere kant hebben redacties het gevoel dat ze online veel sneller heftige kritiek en onredelijke reacties krijgen. Ook voelen redacties sinds ze online publiceren meer druk om nieuwsverhalen zo snel mogelijk te publiceren; ze willen de concurrentie graag voorblijven.

Het publieksdilemma

Door middel van webanalyticstools zoals Google Analytics kunnen journalisten meer te weten komen over hun publiek. Zo weten redacties bijvoorbeeld welke onderwerpen de meeste clicks opleveren. Die kennis kan leiden tot wat Slot ‘het publieksdilemma’ noemt. Het publiek klikt vaak op sensationeel nieuws, en minder vaak op verhalen met een grote journalistieke en maatschappelijke waarde. Nieuwsredacties komen daardoor in een spagaat terecht. Ze moeten hun maatschappelijke taak vervullen en het publiceren van minder sappige verhalen hoort daarbij. Maar tegelijkertijd willen ze ook de aandacht van de lezer vasthouden en voldoende websitebezoek genereren.

Lijstjes met best gelezen artikelen kunnen demotiverend werken voor journalisten

Bovendien kan een overmatige focus op clicks leiden tot een populariteitswedstrijd. Tijdens haar onderzoek zag Slot dat sommige redacties lijstjes delen met de best gelezen artikelen. Dat soort lijstjes kunnen demotiverend werken, omdat tijdrovende journalistieke producties van hoge kwaliteit er niet altijd in terechtkomen. Een sterke focus op dat soort lijstjes is onwenselijk, bepleit Slot, omdat het schadelijk zou kunnen zijn voor de kwaliteit van de nieuwsproductie.Daar komt nog bij dat webanalyticstools niet kunnen laten zien waaróm mensen wel of niet op een productie klikken. Soms wordt er bijvoorbeeld weinig op een artikel geklikt, omdat de kop al zo veel informatie bevat dat klikken voor veel lezers niet noodzakelijk is. Clicks geven in dat soort gevallen een vertekend beeld van de werkelijkheid.

Deel twee van het onderzoek

Volgens Slot is het belangrijk dat journalisten les krijgen over de voordelen en valkuilen van het gebruik van webanalyticstools. Ze hoopt dat journalisten op die manier leren om betere redactionele keuzes te maken; niet alleen op basis van bezoekersstatistieken maar ook op basis van hun eigen journalistieke waarden en de identiteit van hun nieuwsmedium. Om tot nog meer inzichten te komen zet Slot haar onderzoek de komende maanden voort. In het tweede deel van haar onderzoek bekijkt Slot de relatie tussen journalisten en hun publiek vanuit een ander perspectief: dat van het publiek.

Luister hier de nieuwe aflevering van Klikt het?

Lees ook:

Lijstjes met ‘best gelezen artikelen’ zeggen weinig over de voorkeur van het publiek 

Foto: Victor Semionov

Over Inge Beekmans

Inge Beekmans geeft les over online journalistiek en innovatie aan Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg. Naast haar baan als docent werkt ze als freelance journalist, tekstschrijver, vormgever en bouwt ze websites | Twitter: @ingebeekmans