Journalist van morgen is zelfstandige innovator

Het duurde even voordat we hem te spreken kregen, de nieuwe directeur van de opleiding Journalistiek aan de hogeschool Windesheim in Zwolle. Bas Mesters wilde zijn plannen eerst met zijn nieuwe collega’s bespreken. Nu, meer dan vier maanden na zijn aantreden, spreken we hem eindelijk. Intussen heeft hij al voor flink wat reuring gezorgd.

Door: Moniek Verstegen

Aan zijn cv te zien, is Bas Mesters een man van de journalistieke praktijk. Hij begon ooit als verslaggever bij de Volkskrant, was tien jaar lang correspondent in Rome voor NOS en NRC Handelsblad en werkte tevens als eindredacteur voor laatstgenoemde. Inmiddels is hij directeur van het expertisecentrum Journalistiek, en startte hij op 15 november zijn functie als hoofd van de opleiding Journalistiek in Zwolle.

Multidisciplinair

Windesheim ziet in hem ‘een verbindend manager, met een focus op vernieuwing van journalistieke vormen en mogelijkheden’. Mesters heeft een aantal zaken bovenaan zijn lijstje staan: studenten krijgen wat hem betreft al vanaf het eerste jaar les in ondernemerschap. Daarnaast hecht hij inderdaad waarde aan innovatie: "Ik wil studenten een antenne bieden om hun eigen vak te vernieuwen", zegt hij resoluut. Maar hoe doe je dat?

De nieuwe directeur wil de lijnen met andere opleidingen openleggen. Multidisciplinaire samenwerking lijkt het devies. "Binnen de minor Concept and Creation werken studenten Journalistiek samen met studenten van ICT-opleidingen en Communicatie." Dat mag allemaal een stuk uitgebreider, vindt hij: "Ik wil groepjes gaan vormen met studenten van allerlei opleidingen. Data-analisten, programmeurs, gaming designers, maar ook marketing en project managing-studenten. Wie toekomst wil hebben in de journalistiek moet behalve nieuwsgierig, onderzoekend en een goede verteller ook ondernemend zijn en met andere disciplines kunnen samenwerken."

Echte problemen

Het is de bedoeling dat deze groepjes aan de slag gaan in opdracht van de journalistieke praktijk. Mesters wil ze inzetten om oplossingen te vinden voor vragen die spelen in het werkveld. Hij is bezig met het maken van afspraken, en hoopt in het najaar de eerste studenten aan het werk te kunnen zetten.

Studenten Journalistiek moeten zich volgens de directeur realiseren dat je er niet bent met schrijven alleen. "Ik wil ze laten zien dat ze steeds opnieuw een weg moeten vinden naar de gebruiker." Vorige week kwam de chef van NRC Q, Freek Staps, vertellen over zijn werk en konden er vragen worden gesteld.

Praktijk binnenhalen

Mesters’ studenten kunnen iedere maand zo’n soort collegetour verwachten. "Het gaat er mij om dat de goede mensen uit de praktijk actief betrokken zijn bij de opleiding", zegt hij. Inmiddels geeft onderzoeksverslaggever bij het NOS Journaal Margriet Brandsma twee dagen in de week les op de opleiding en is er binnenkort een bijeenkomst over de combinatie van datajournalistiek en voetbalverslaggeving. Uit de praktijk zijn daar onder andere data-analist Thomas Boeschoten van catenaccio.nl en Michiel de Hoog van De Correspondent bij betrokken.

De journalist van morgen is een zelfstandige innovator, als we Mesters’ plannen zo horen. Maar daar blijft het niet bij. Inhoudelijk is er volgens hem tevens ruimte voor verbetering. De journalistiek mag wat hem betreft meer aandacht besteden aan oplossingen. "De media appelleren teveel aan schande", vindt hij. "Door ook eens de vraag ‘wat nu?’ te stellen, verbreed je de discussie, want je geeft meer alternatieven."

Ophef

En dat is niet het enige commentaar dat hij heeft op de huidige journalistiek, blijkt wanneer we de ophef rondom de bijeenkomst naar aanleiding van de aanslag op Charlie Hebdo aanstippen. Waren het weghalen van de posters en de verandering van locatie veiligheidsmaatregelen? Maakte de nieuwe directeur Journalistiek zich hier schuldig aan censuur?

Mesters blijft bij zijn eerdere standpunt: "Ik had een dubbele verantwoordelijkheid. Die van journalist, maar ook die van directeur van een opleiding. Dan wil je een klimaat scheppen waar iedereen zich welkom voelt, en ga je niet je eigen studenten beledigen." Vrijheid van meningsuiting is volgens Mesters een recht en geen plicht. Hij vindt het ‘op zijn zachtst gezegd jammer’ dat Paul Scheffer besloot weg te blijven. "Hij had moeten komen en met onze studenten in gesprek moeten gaan over zijn standpunt." Hoe verschillende gerenommeerde journalisten handelden vond hij tevens opvallend: "Niemand heeft de moeite genomen mij te bellen om te vragen wat er nu werkelijk aan de hand was."

Reageer

Geef een reactie

*