Langzaam vertrouwen winnen door je te bewijzen

Het Utrechtse DUIC is in vier jaar tijd uitgegroeid tot serieuze nieuwsbrenger in de stad. De internetkrant krijgt dit najaar zeer waarschijnlijk ook een papieren editie. "Wij geloven dat wij weten wat er leeft in de stad."
Door: Menno van den Bos

Het gaat hard met DUIC: in 2014 werd er 2,6 miljoen keer geklikt op een bericht: een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor. Toch is het verhaal van De Utrechtse Internet Courant er niet één van een stormachtige opmars. “Toen we begonnen kwam er bijna niemand naar de website”, vertelt hoofdredacteur Michael Kroonbergs. “We hebben langzaam vertrouwen moeten winnen door ons elke dag te bewijzen. Om dat vol te houden moet je veel passie hebben.”

“We noemen het voor de grap een organisch model”, zegt uitgever Joris Daalhuisen vanaf de andere kant van de tafel. “In andere woorden: er was geen model. We begonnen gewoon en keken hoe het ging. Wél hadden we een visie.”

De visie was het geven van een impuls aan het verschraalde journalistieke landschap in Utrecht (335.000 inwoners). Kroonbergs: “Neem het Utrechts Nieuwsblad: dat zat vroeger nog echt in de haarvaten van de stad. Zeker sinds de overname door het AD is dit veel minder het geval.”

Gestuwd door die frustratie kwam in 2011 DUIC tot stand. Daalhuisen herinnert zich dat de toenmalige hoofdredacteur van een groot Utrechts medium hem na de oprichting al gauw opbelde. “Hij dreigde met juridische stappen als DUIC ook maar één bericht van hem zou overnemen. Ik weet nog steeds niet hoe hij aan mijn nummer kwam.”

Plopkap

Ironisch, want vier jaar later is het juist DUIC waar door concurrenten dankbaar leentjebuur wordt gespeeld. Hoofdredacteur Kroonbergs moppert dat de bronvermelding nog niet altijd secuur is. “Maar ik moet toegeven dat het steeds beter gaat. We worden serieus genomen nu we een zekere positie hebben verworven.”

Die positie is ook aan het publiek te danken. DUIC zette van meet af aan in op hun betrokkenheid. “Er is een steeds grotere poule van mensen rondom DUIC die ons input geeft. Sinds kort hebben we ook een WhatsApp-groep voor nieuwstips.”

Toch wordt het meeste nieuws door DUIC zelf opgepikt. Opvallend voorbeeld is de fotoreeks van een enorme fietsenfile, genomen door een van de freelance fotografen van DUIC die daar toevallig langskwam. “Om dat soort dingen te spotten heb je verslaggevers nodig met een goed oog.”

Bladformule

Voor een nieuwssite voelt DUIC opvallend magazine-achtig. Er is veel aandacht voor onderwerpen als cultuur en ondernemerschap, en bekende Utrechters schrijven blogs. “Alleen nieuws brengen is saai. Net als een tijdschrift hebben we een bladformule en een eigen signatuur”, zegt Kroonbergs.

Uitgever Daalhuisen scherpt aan: “We richten ons meer op de kosmopoliet dan op de zeikerd.” Hij laat een politiebericht zien over een ingegooide ruit, van een andere site. “Prima dat concurrenten dit brengen, maar onze lezers vinden het niet interessant.” DUIC kiest liever voor een onderwerp dat de beleving van de stad raakt, zoals deze serie over vergeten gebouwen.

Crossmediaal

DUIC is niet terughoudend om het eigen bestaan van de daken te schreeuwen. Zo was er onder meer een campagne met posters in bushokjes. “Ouderwets reclame maken is nodig, anders kom je nergens. Dat is een kwestie van jezelf serieus nemen”, zegt Daalhuisen, zelf eigenaar van een reclamebureau. Om vergelijkbare redenen maakt DUIC ook televisie. “Als je overal met een plopkap opduikt, val je op.”

Naast televisie experimenteert DUIC ook met radio. En dit najaar zal DUIC zelfs op papier gaan verschijnen. “We willen een soort weekblad gaan maken, maar zonder nieuws. We houden een slag om de arm omdat de begroting nog moet rondkomen. Maar de geplande start is 1 oktober. De kranten gaan nog iets van onze benadering leren.”

Autoriteit

Financieel gezien wordt DUIC gestut door advertenties, branded content en samenwerkingen met externe partijen. Vooral in die laatste pijler zit toekomst: samenwerken zou meer opleveren dan banners. DUIC werkt onder meer samen met Utrecht Netwerk, waarmee B2B-meetups worden georganiseerd.

Ook de samenwerking met NU.nl bevalt goed. Maar dan niet omdat het lucratief is. “We halen er nul euro uit, maar wel autoriteit. Een wethouder kiest nu eerder voor een interview met DUIC, omdat het artikel dan ook op NU.nl komt.”
Wat de makers al met al met DUIC verdienen? “Iets.” In elk geval kunnen er twee vaste krachten worden betaald. De groep freelancers werken deels betaald, deels vrijwillig. “Het moet heel lean and mean. We zijn geen slavendrijvers, maar maken wel gebruik van enthousiast talent. En ze mogen bij ons meteen de straat op.”

Lees ook

Reageer

Geef een reactie

*