LocalFocus wil vast onderdeel van redactieproces worden

Datajournalistiek platform LocalFocus won in 2013 de Challenge. In de tussentijd is het tweede project, LocalFocus 2.0, voor een groot deel afgerond. Door de bouw van nieuwe scrapers werd het mogelijk om op een nog efficiëntere manier datastromen aan te boren. Ook werd een WOB-expert aangesteld, die wekelijks WOB-verzoeken doet. Het Stimuleringsfonds subsidieerde het project met 50.000 euro.

Door: Dorien Vrieling

Sinds januari is LocalFocus 2.0, de nieuwe versie van het dataplatform, online. Het aantal gebruikers en de geüploade data zijn toegenomen. Voor gebruikers is het gemakkelijker geworden zelf data te uploaden, vertelt Jelle Kamsma, een van de oprichters. "De user interface die we hadden ontworpen was echt voor ons bedacht. Het oorspronkelijke idee was dat LocalFocus een nieuwsdienst ging worden, maar inmiddels is het uitgegroeid tot een dataplatform waar mensen ook zelf data aan toevoegen. De usability kon veel beter, dus die is op de schop gegaan. De plaatsing van knoppen en de volgorde van stappen is allemaal veel logischer geworden."

Binnenkomst van data stroomlijnen

Op dit moment zijn Kamsma en zijn collega’s nog bezig met het uitbouwen van twee pijlers van het project. In de eerste plaats stroomlijnen ze de manier waarop data bij LocalFocus binnenkomt. Door koppelingen te maken met CBS Dataplatform, het open-dataprogramma van het CBS, wordt de binnenkomst van veel data geautomatiseerd. "Het gaat bijvoorbeeld om huizenprijzen, inflatie of economische groei. Onderwerpen waar veel media in geïnteresseerd zijn." Loopt de koppeling tussen LocalFocus en het CBS straks vlekkeloos, dan wil het platform vergelijkbare koppelingen met andere instanties maken. Een beoogde instantie is bijvoorbeeld de Wereldbank.

De andere pijler is ‘journalistiek handwerk’, zoals Kamsma het noemt. Sinds de start van LocalFocus 2.0, begin 2014, is het platform steeds meer bezig met de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB). Ze hebben zelfs een WOB-expert aangenomen, Sjors van Beek. Die zet elke week een of meerdere WOB-verzoeken uit, en inmiddels beginnen de resultaten binnen te komen. Op basis van die data kunnen ze eigen onderzoeksjournalistiek presenteren. Onlangs verscheen bijvoorbeeld een stuk over de overlast door ‘verwarde personen’. "De aanleiding voor het stuk werd gevormd door de bezuinigingen in de GGZ. We vroegen ons af of er, doordat er minder mensen terecht kunnen in de geestelijke gezondheidszorg, meer verwarde personen op straat te zien waren. Dat bleek inderdaad in de cijfers terug te zien. Ook bleken er duidelijk regionale verschillen te zijn."

Printjournalisten willen andere dingen

Aanvankelijk werd LocalFocus vooral gebruikt door online journalisten, maar inmiddels wordt het platform ook door printjournalisten gevonden. Die willen andere dingen, vertelt Kamsma. "De huisstijl van een krant is anders dan die van een website. Online heb je mogelijkheden voor interactie nodig, er zijn minder ruimtebeperkingen. Maar we merken nu dat de objecten die we maken, grafieken bijvoorbeeld, niet alleen online goed werken maar met wat aanpassingen ook heel goed op papier. Met onze tool kan een journalist de basis prima zelf maken."

Kamsma’s doel is om met LocalFocus een vast onderdeel van het redactieproces te worden. "Bij veel media is het nog zo dat een eenvoudige grafiek of een datavisualisatie helemaal door een vormgever wordt gemaakt. Dat is helemaal niet altijd nodig, een journalist kan zijn data zelf in het platform zetten. Een online redacteur maakt het dan klaar voor de site en de vormgever hoeft het alleen naar de krant te exporteren. Zo stroomlijnen we het redactieproces. En vormgevers houden op die manier tijd over voor complexere datavisualisaties." Kamsma ziet LocalFocus dan ook niet zozeer als een visualisatietool, maar meer als een datamanagementtool. "We willen het hele proces soepeler laten verlopen: van verzamelen en verwerken naar delen en presenteren."

Goed naar de gebruikers luisteren

De belangrijkste les die Kamsma en collega’s gedurende het project geleerd hebben is dat je goed naar je gebruikers moet luisteren. "We willen meer workshops gaan geven aan nieuwe klanten. Als we journalisten zelf uitleggen hoe LocalFocus werkt, en wat de waarde van data is, brengen we nog beter over wat ze aan het platform kunnen hebben. Maar we hebben daar zelf ook veel aan. We zijn al zo lang met LocalFocus bezig dat veel dingen voor ons vanzelfsprekend zijn. Als ik over de schouders mee kijk van iemand die het voor het eerst ziet, weet ik hoe hij er naar kijkt en waar hij vastloopt."

De gesubsidieerde periode stopt straks, maar is voor LocalFocus nog lang niet klaar. "Het platform kan altijd verder ontwikkeld worden." Ze zouden bijvoorbeeld wel met robotjournalistiek aan de slag willen, geïnspireerd op een artikel van de New York Times, waar teksten en datavisualisaties online worden afgestemd op de locatie van de lezer. "Wij hebben dat bij de Hackathon van de NOS geprobeerd en het is niet eens zo ingewikkeld, we hadden er twee dagen voor nodig. We doen nu een pilot. Heeft die succes, dan gaan we het als optie in ons platform aanbieden. Zoals je een grafiek kunt downloaden, kun je dan ook een locatie-based tekst downloaden. Ik denk dat de impact voor lezers groot kan zijn. Je krijgt zo nieuws op maat, dat is interessant."

Lees ook

Reageer

Geef een reactie

*