‘Nieuwswaarde datavisualisatie bepaald door begrijpelijkheid’

Wanneer voegt een datavisualisatie iets toe aan het nieuws? Het belangrijkste is dat de lezer begrijpt wat de visualisatie toevoegt aan de tekst, blijkt uit onderzoek. Waarom staat deze grafiek of kaart hier, en wat heeft deze te vertellen?

Door: Menno van den Bos

Dat is in een notendop de conclusie van het onderzoek ‘Nieuwswaarde van datavisualisaties’ van de Hogeschool Utrecht (HU). “Toen we begonnen wilden we precies uitzoeken aan welke kenmerken datavisualisaties allemaal zouden moeten voldoen. Tot aan de juiste kleuren toe. Maar eigenlijk is er maar één ding echt belangrijk: begrijpt de lezer wat de visualisatie toevoegt aan de tekst?”, vertelt Gerard Smit, die het onderzoek, door het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek gesteund met 47.500 euro, leidde.

Smit en zijn team analyseerden de datavisualisaties (infographics, kaarten en grafieken) van NRC, het Financieele Dagblad en NU.nl. Ze legden de visualisaties voor aan lezers en spraken met de makers. Bij veel nieuwsmedia zijn datavisualisaties nu gemeengoed. “En dat is goed,” zegt Smit. “Datavisualisaties kunnen een grote toegevoegde waarde hebben. Je kunt er als journalist nieuwe verhalen mee vertellen.”

Toeters en bellen

Voorwaarde daarvoor is dus dat de lezer snel door heeft waar zo’n visualisatie over gaat. Smit: “Als ze niet weten waar ze moeten beginnen met kijken, haken ze af. Lezers willen snel op het spoor gezet worden waarop ze de visualisatie moeten lezen.”

Daarbij helpt het niet altijd als er allerlei ‘toeters en bellen’ aan een visualisatie worden toegevoegd. “Er wordt nog vaak vanuit gegaan dat een datavisualisatie vooral een visuele functie heeft en er het liefst flitsend uit moet zien. Vaak leidt dat juist af en wordt onduidelijk wat de boodschap is.”

Voorbeelden zijn visualisaties met een wirwar aan lijnen of pijlen, of het verwerken van een mooie foto die niet strookt met het onderwerp. “Uit ons onderzoek komt naar voren dat lezers beeldelementen in graphics al snel metaforisch opvatten. Als een portemonnee bij een visualisatie staat, interpreteert de lezer dat al snel als ‘we moeten goed op onze uitgaven letten’, terwijl dat helemaal niet de bedoeling was.”

Rommelig

Dat betekent niet dat datavisualisaties alleen maar saaie diagrammen mogen zijn. Smit laat een fraaie kaart van Afrika in NRC zien, waarop alle brandhaarden op het continent worden aangeduid. “In deze visualisatie gebeurt van alles, maar toch is hij helder. Hij neemt de lezer bij de hand: van elk element is duidelijk waar het naar verwijst.”

Net als bij tekst willen lezers niet al te veel moeite hoeven doen om te begrijpen waar het over gaat, meent Smit. Vooral online moet het voor lezers snel duidelijk zijn naar welk deel van de tekst de visualisatie verwijst. “Lezers gaan niet heen en weer scrollen tussen tekst en plaatje.”

Zoekende

Een obstakel is dat vaak langs elkaar heen wordt gewerkt. “Wat je nog steeds ziet gebeuren, is dat een grafiek aan het einde van de dag wordt toegevoegd, als de schrijver al weg is. Het wordt dan een illustratie in plaats van aanvullende informatie. Moderne datavisualisaties vertellen een eigen verhaal. En dat verhaal moet passen bij het bredere journalistieke verhaal.”

Betere afstemming vraagt om meer samenwerking. Volgens Smit ontstaan de beste producties als journalisten, vormgevers en graphic-makers om tafel gaan zitten en overleggen welk verhaal er verteld moet worden. Maar vaak ontbreekt de tijd. “Het is moeilijk om tot een goed evenwicht te komen tussen snelle, kleine producties en complexere visualisaties die arbeidsintensiever zijn.”

Eyetracking

Het deel van het onderzoek waarvoor het Stimuleringsfonds subsidie heeft verleend, loopt tot 30 september. De HU zet het onderzoek voort in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam.

Met de UvA is inmiddels al een eyetracking-onderzoek gedaan. Hieruit blijkt dat datavisualisaties op een iPad het meest intensief worden bekeken. “Lezers van papieren kranten richten zich voornamelijk op de tekst en bekijken de pagina van linksboven naar rechtsonder. Op een tablet switchen mensen veel meer tussen tekst en visuele elementen.”

Lees ook

Reageer

Geef een reactie

*