Nog veel te leren over User Generated Content

Persinnovatie.nl-verslaggevers Moniek Verstegen en Jolien Scholte zijn deze week op het International Journalism Festival in Perugia, Italië, waar de internationale journalistieke top zich verzamelt. Ze doen verslag van vernieuwende, spannende en innovatieve journalistiek.

User Generated Content (UGC) wordt steeds meer gebruikt in de media. ‘Accidental journalists’ noemt Sam Dubberley ze. Hij deed samen met Claire Wardle voor het Tow Centre for Digital Journalism grootschalig onderzoek naar het gebruik van UGC in de media wereldwijd. Wat blijkt: Er valt nog veel te leren. Zo vermelden journalisten in slechts 16 procent van de gevallen de bron.

Door: Jolien Scholte

Dat we steeds meer gebruik kunnen maken van deze ‘toevallige journalisten’ komt de journalistiek ten goede, zo kunnen er bijvoorbeeld makkelijker verschillende perspectieven mee worden belicht. Maar het brengt ook een aantal uitdagingen met zich mee. Want hoe check je op een goede manier of een foto waarheidsgetrouw is? En hoe ga je om met veiligheid? Of is dat het eigen risico van de ‘toevallige journalist’? In een discussie proberen Dubberly en Warlde, samen met Caroline Bannock van Guardian Witness en social media editor van de Associated Press Fergus Bell antwoorden te vinden. Docent Rechten van de Universiteit van Milaan Matteo Jori vult de discussie aan met wat juridisch wel en niet kan.

Persbureau als ‘verzekering’

"Grote nieuwsredacties checken de user generated content meestal zelf, maar kleine nieuwsredacties doen dat niet. Die maken veel gebruik van persbureaus en zien hen als een soort verzekering", concludeert Wardle. "Ik zie ons niet als verzekering", stelt Bell. "Je kunt nooit 100% garantie bieden dat alles waarheidsgetrouw is. Maar we checken erg zorgvuldig, waardoor mensen ons vertrouwen." Wat volgens Wardle ook wel gebeurt, is dat redacties zelf niet de moeite doen om de content te checken, maar er alleen bij zetten: ‘dit is niet door onze redactie gemaakt’. Volgens docent Rechten Jori is dat geen vrijwaring. "Jij maakt alsnog de keuze om het op je site te zetten."

Wardle stelt dat veel van de journalisten die ze spraken voor het onderzoek nog steeds afgaan op ‘gut-feeling’, zonder echt goed te checken. "Dat kan echt niet. Het kost wel tijd om de UGC te checken, maar om je betrouwbaarheid in stand te houden moet je het echt doen." Bell stelt dat het helemaal niet veel tijd hoeft te kosten als je er een redactiesysteem voor maakt. "Bij Associated Press checken we de bron en de content apart. Dat werkt."

Contact met bron belangrijkste

Maar hoe controleer je dat? "Contact opnemen met de bron is het belangrijkste", stelt Caroline Bannock. Ze leidt het UGC-platform Guardian Witness van The Guardian. "Wat ik ook altijd doe is een foto even door ‘Google reversed images’ halen. Daarin kan je zien of de foto al eerder op internet is verschenen." Dat kan volgens Bannock veel fouten schelen die je op het eerste gezicht niet opmerkt. "Bijvoorbeeld een foto die je binnenkrijgt van een storm in een bepaald gebied. Dat zou ook een foto kunnen zijn van storm die drie jaar geleden in dat gebied woedde." Bell vindt het vooral belangrijk om zich te verplaatsen in de persoon die de foto of video maakte. "Wie is het? Heeft hij er belang bij dit te publiceren? Wat zijn andere accounts van deze persoon? Dat soort dingen."

Uit het onderzoek van Wardle en Dubberley blijkt dat het gros van de journalisten wereldwijd wel toestemming vraagt om content te mogen gebruiken. "Dat is een mooie uitkomst", stelt Wardle. "Al is het soms ook wel absurd. Bijvoorbeeld iemand die de ramp van Tacloban meemaakt en daar een video van upload, en vervolgens 200 reacties krijgt van journalisten."

Wel toestemming, geen bronvermelding

De bron is dus in de meeste gevallen wel duidelijk, maar Wardle en Dubberley concludeerden dat maar in 16% van de gevallen waarbij UGC gebruikt wordt op tv, de bron in beeld wordt vermeld. Jori vindt dat raar. "Meestal doen mensen geen moeite om toestemming te vragen, en zetten ze alleen de bron erbij. Bij journalisten is het dus vaak net andersom." Wel wordt in 72% van de gevallen gemeld dat het gaat om User Generated Content. Dat is volgens Wardle echter te algemeen. "Het scheelt nogal of iemand een ooggetuige, activist of stakeholder is." Volgens haar moeten we de content van de toevallige journalisten net zo behandelen als content van onze collega’s. "Wij vinden het toch ook niet leuk als we niet genoemd worden als bron?"

Eigen risico?

Moeten we de toevallige journalisten dan ook zo behandelen als journalisten of correspondenten die wel verbonden zijn aan een medium? Bannock vindt van wel. "Als iemand zichzelf in een gevaarlijke situatie heeft gebracht, bijvoorbeeld een tornado heeft gefotografeerd, dan publiceer ik dat niet. Dat is alleen maar een aanmoediging voor anderen om zichzelf ook in gevaar te brengen." Bell ziet dit meer als eigen risico van de mensen die de foto maken. "Maar ik publiceer bijvoorbeeld niets waarvan ik weet dat ik, door het te publiceren, de maker in gevaar breng."

Het is vooral een kwestie van ethiek, stelt Jori. "Alleen als je als journalist iemand een opdracht geeft, bijvoorbeeld een foto gaan maken van een storm, ben je als medium medeverantwoordelijk." Precies dat ziet Wardle wel vaak bij kleine nieuwsredacties. "Dat is wel onze grote zorg. Kleine redacties hebben geen aparte teams voor UGC, en daar zie je vaak dat het wel misgaat, bijvoorbeeld inderdaad met oproepjes voor foto’s van een storm. In het algemeen moeten journalisten veel beter worden getraind in het omgaan met User Generated Content. Zowel het checken ervan, als het omgaan met de mensen die het leveren."

Lees ook

Reageer

Geef een reactie

*