Online regionieuws en omgaan met kritiek

Quint Kik is onderzoeker bij het Stimuleringsfonds en verwoed muziekliefhebber. Hij presenteerde op 3 september zijn onderzoek naar de waakhond in de regio. Daarnaast blogt hij in zijn vrije tijd wekelijks over ‘lofzangen’ op de pers aan de hand van actualiteiten in de krantenwereld.

Het persinnovatieproject MijnZ ontving vorige week een mooie prijs van de WAN IFRA. Via de nieuwssite MijnZ.nl – een samenwerkingsverband tussen dagblad De Stentor en Hogeschool Windesheim – wordt geprobeerd jongeren (15-30 jaar) aan het regionale nieuws te krijgen door hen zelf een website te laten onderhouden met nieuws over Zwolle.

Hoewel MijnZ in het eerste jaar nog zoekende was, is het roer inmiddels omgegooid naar duiding van hard nieuws. Met succes, het dagelijks aantal views vertienvoudigde.

Toename van online nieuws

Waar halen jongeren anno 2013 eigenlijk hun nieuws vandaan? In 2008 publiceerde het Commissariaat voor de Media een interessant onderzoek naar nieuwsgebruik, waaruit bleek dat nieuwsgebruikers tot 35 jaar de voorkeur geven aan nieuws op tv. Aan het kijken naar journaals en actualiteitenprogramma’s werd toen nog meer dan drie keer zoveel tijd gespendeerd dan aan nieuwssites. Hoe zouden die verhoudingen vijf jaar later liggen?

Helaas is het onderzoek tot dusver niet herhaald. Wat we wel weten uit de laatste Mediamonitor, is dat het maandbereik van de onder jongeren populaire nieuwssite NU.nl in vijf jaar tijd verdubbelde naar bijna 40%. Het best scorende landelijke dagblad op internet zit op 25%, enkele regionale dagbladen die zich bij de beste 20 bevinden cirkelen rond de 5%, met als koploper DeStentor.nl. Voorzichtig zou je kunnen concluderen dat de krant met een initiatief als MijnZ in elk geval mooie kaarten in handen heeft om de komende jaren het bereik van regionaal nieuws op internet een impuls te geven.

Kritiek op Waakhond-rapport

Naast dit positieve lokale nieuws verscheen er vorige week ook kritiek op het onderzoek Wie waakt er in de regio, dat ik samen met Lammert Landman onlangs presenteerde. En gelukkig maar. Kritiek zorgt er in de eerste plaats voor dat je scherp blijft en ten tweede geeft het je de kans om zaken te nuanceren en beter uit te leggen. Iets waar ik graag toe bereid ben.

Zo waren sommigen teleurgesteld over het feit dat het onderzoek zich grotendeels beperkt tot online nieuwsmedia. Als onderzoekers sorteerden wij hierop voor, door in een aantal gemeenten ook de nieuwsberichten in de papieren kranten en op radio en televisie mee te nemen. Wat bleek: offline is er niet schrikbarend veel meer nieuws te vinden. Voor zover er meer nieuws is, werd dit vooral aangetroffen in de dagbladen. In extreme mate geldt dit voor het AD in Delft, waar het verschil tussen offline en online echter wordt veroorzaakt door de strategische keuze van de uitgever om online nagenoeg afwezig te zijn.

Verder valt op dat omroepen juist online meer nieuws brengen, door ook geschreven berichten op hun website te plaatsen. Dan zijn er ook nog hyperlocals die je alleen online aantreft, zodat je in een stad als Breda online net zoveel nieuws aantreft als offline. De keuze voor online is achteraf gezien zo gek nog niet, hooguit hadden we de motivering bij de keuze voor online wat stelliger kunnen formuleren.

Simpelweg tellen van berichten

Ook werd getwijfeld over de vraag of je de vervulling van de waakhondrol in een gemeente kunt meten aan de hand van het simpelweg tellen van het aantal berichten over lokaal beleid. Ons inziens is het aantal berichten een indicatie voor de mate waarin lokale nieuwsmedia de lokale politiek ├╝berhaupt in hun vizier hebben.

Natuurlijk vroegen wij ons ook af hoe diepgravend die aandacht nu eigenlijk is. Om die reden zijn alle circa 800 berichten uitgesplitst naar genre (p. 40, figuur 40). Wat bleek: hooguit 1 op de 10 berichten is een achtergrondartikel, al dan niet tot stand gekomen op basis van onderzoeksjournalistiek. In kleine gemeenten waar het aantal berichten in een week op een hand te tellen is, worden burgers nauwelijks geïnformeerd (om van de de waakhondfunctie maar te zwijgen).

Wie beweert dat zich tussen de 800 berichten over lokaal beleid gemeentelijke persberichten zouden bevinden, moest de methodiek er nog maar eens op naslaan. Op p. 101-102 wordt uitgelegd dat wij weliswaar 4.600 nieuwsberichten hebben betrokken in het onderzoek, maar dat wij er daarnaast bijna 400 hebben gediskwalificeerd; deze berichten bleken gekopieerd te zijn van de websites van politie.nl, lokale overheid en middenstand. De suggestie dat wij de waakhondfunctie van de journalistiek zouden hebben afgemeten aan verdwaalde gemeentelijke persberichten kan bij deze worden verwezen naar het rijk de fabelen…

De Fabeltjeskrant

…en die horen dan weer thuis in een ander geliefd medium. De kinderserie De Fabeltjeskrant was niet alleen buitengewoon succesvol – van herhalingen in de jaren 70, 80 en 90 tot een heuse musical – maar had naar verluidt een veel breder publiek dan kijkbuiskinderen en hun ouders. Voor een belangrijk deel had dit te maken met toespelingen op de landelijke politiek, waaronder de vermeende verwijzing naar toenmalig premier Den Uil.

Ik sluit deze 30ste aflevering van Muziek in de journalistiek af met deze klassieker van Ed en Willem Bever. Niet zonder reden: lofuitingen of kritiek, de oproep die algemeen directeur Rene van Zanten deed in het voorwoord van het rapport om het onderzoek volgend jaar over te doen in heel Nederland staat nog steeds. Alle studenten en docenten van opleidingen journalistiek zijn van harte uitgenodigd om met hun waterpomptang, nijptang of combinatietang mee te komen sleutelen aan de aanpak en de uitvoering van een eventueel vervolg.

Oogjes dicht en snaveltjes toe? Eerst gaan de onderzoekers genieten van een welverdiende vakantie. ‘Muziek in de journalistiek’ is er half oktober weer.

Reageer

Geef een reactie

*