"Zet in op mobiel, sociale media en video"

We moeten moedig zijn. Nieuwe wegen zoeken. Journalistieke gewoontes combineren met nieuwe technieken. Joshua Benton, keynote spreker op ‘Lef’, het congres van het Stimuleringsfonds voor de Pers, is voor alles een optimist.

Uitgevers van kranten en tijdschriften worstelen met hun verdienmodellen, maar Joshua Benton, oprichter en directeur van Nieman Journalism Lab, ziet bemoedigende trends.

Het motto van het Lab: ‘Pushing to the future of journalism’. Benton werkt met zijn labmedewerkers naar eigen zeggen in de kelder van de Universiteit van Harvard in Cambridge, Massachusetts, Verenigde Staten. Als de drie belangrijkste gevechtsterreinen voor de naaste toekomst identificeert Nieman Lab ‘mobiel’, ‘sociale media’ en ‘video’.

Daarbij signaleert Benton twaalf belangrijke trends. Deze garanderen geen goudgerande toekomst, maar voor de grote en voor de kleine krantenuitgevers ziet hij volop kansen. "Het zijn de kranten met de middelgrote oplagen die het nog lastiger gaan krijgen, omdat ze met te weinig geld te veel vernieuwingen moeten financieren."

De onderstroom

In de onderstroom komen sluimerende trends aan de oppervlakte. Zo komen langzaam maar zeker pay walls rond kranten van de grond. The New York Times, door Benton veelvuldig als voorbeeld gesteld, boekt met meer dan 450.000 betalende, digitale lezers een voor Amerikaanse begrippen bescheiden succes.
"Het gevoel bestaat dat uitgevers meer grip krijgen op de subtiele balans tussen massaal bezoek van de free riders aan hun site en ‘de beste klanten van de krant’, de betalende abonnees."

Een andere oplossing die zich scherper lijkt aan te dienen is hoe de vraag naar goedkope content past binnen een serieuze, redactionele formule. The Huffington Post zoekt het in een mix van eenderde eigen en originele inhoud, een derde van de kopij met relatief goedkope opiniestukken en een derde op een slimme manier vergaard nieuws, waardoor lezers langer blijven hangen.

Als derde van een proces dat al langer gaande is, noemt Benton het slimme mobieltje. Niet de iPad, maar de iPhone en andere kleine draagbare telefoons, ziet hij als sleeping giant.
"Ze zijn bij uitstek geschikt voor bijvoorbeeld streaming podcasts en video. De schermgrootte bepaalt uiteindelijk de inhoud. De smartphone doet het uitstekend met korte nieuwsflitsen en sms. Met een tablet ben je al weer minder onderweg en benader je al meer ‘het idee’ krant. Zoeken naar de juiste content voor de juiste machine kan lonen."

De zondagskrant is ook zo’n product dat het steeds beter zal gaan doen. In het jachtige leven nemen door de week nog maar weinig mensen de tijd aan de keukentafel een papieren krant door te bladeren. In het weekend ligt dat anders, vindt Benton.
"Uitgevers spelen hier op in door combinatietarieven aan te bieden voor de digitale uitgave in de week plus de papieren krant in het weekend. Adverteerders zijn bereid in de zondagskrant de hoofdprijs te betalen."

Opkomende trends

Naast deze onderstroom signaleert Benton opkomende trends. Tot de kerntaken van een redactie behoort het ordenen van informatie. Als Benton zijn geld ergens op zou inzetten, dan is het op het verder ontwikkelen en verfijnen van juist deze vaardigheden en deskundigheid.
"Lezers zullen elke oase van gestructureerde en overzichtelijke informatie in een oceaan aan data blijven waarderen en daar geld of in ieder geval aandacht voor over hebben."
Een gedrukte krant heeft daarbij overigens sterke papieren. Uit onderzoek blijkt volgens Benton dat lezers het prettig vinden dat ze temidden van alle informatiegekte een krant "helemaal uit kunnen lezen en dan wegdoen".

Het ‘herpakken’ van content is evenmin nieuw, maar als techniek nog altijd goed te gebruiken. Nieuws maken is een dure onderneming. Kranten kunnen columns of recepten bundelen en deze in de vorm van content voor e-books aan nieuwe of potentiële lezers weggeven.

Hij heeft hoge verwachtingen van ‘datavisualisaties’. Veel databanken zijn openbaar toegankelijk, maar gegevens worden zo onaantrekkelijk gepresenteerd dat niemand er naar kijkt. Voor gespecialiseerde redacteuren niet alleen een goedkope bron van informatie, maar bovendien een publiekstrekker op de site.

Het ontwikkelen van ‘nieuws-games’ staat nog in de kinderschoenen, maar het organiseren van evenementen behoort al veel langer tot een lucratieve praktijk. "Vooral mee doorgaan en verder uitbreiden."

Binnenkort

Joshua Benton realiseert zich dat uitgevers zich behoorlijk hebben verslikt in het maken van video. Maar er is een kentering zichtbaar. In de Verenigde Staten is het maken van bewegend beeld door uitgeverijen in de vorm van streaming video aan een sterke opmars bezig. Hetzelfde geldt voor podcasts.

Benton schreef veel over het onderwijs. Het is prettig om te zien, vindt hij, dat de journalistiek klassieke onderwijstaken aan het overnemen is. "Het onderwijs loopt minstens tien jaar achter. Wij kunnen een verhaal vertellen. Zo geven redacteuren van The New York Times les in journalistiek."

Relatief nieuw is het inzicht dat steeds minder mensen via de homepage een website bezoeken. Zij komen binnen via de zijdeur. "Houd daar rekening mee, als je ze langer wilt vasthouden."

Opmerkelijk is zijn pleidooi voor ‘objectgeoriënteerde’ journalistiek. Niet elk verhaal hoeft een kop en een staart te hebben. Zo startte een eenling een website over mensen die vermoord zijn in Washington. Geen verhalen of analyses, maar – gruwelijk genoeg – de plaats van de misdaad met daarbij relevante informatie. In korte tijd werd de site een groot succes.

Zelfs in de Verenigde Staten bestaan uitgeverijen zonder winstoogmerk. Uitgerekend in Texas stak een ondernemer geld in een redactie die zich alleen bezighoudt met artikelen over de staat Texas. Een succes en, zo vermoedt Benton, een manier om op een andere manier journalistiek te bedrijven. Als hij over een onbeperkte hoeveelheid geld zou beschikken en zou kunnen investeren in een non-profit doel, dan zou dit type organisatie zijn eerste keuze zijn.

Reageer

Geef een reactie

*