Europees innovatiebeleid onder de loep

Goed innovatiebeleid hangt af van politieke bereidheid, betrokkenheid, (markt)omstandigheden en de ondernemersgeest van bedrijven. Het bestaande beleid borduurt vaak voort op eerdere regelingen of is het gevolg van succesvolle lobby. Dat zijn de twee belangrijkste conclusies uit internationaal onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek.

Report-European-comparison-of-innovation-policies-met-Nederlandse-samenvatting-March-2015Het nieuwsmedialandschap heeft in het afgelopen decennium een transformatie ondergaan. Nieuwe technieken en nieuwe spelers hebben de markt op zijn kop gezet. Globalisering, liberalisering, technologische ontwikkelingen en het samengaan van voorheen gescheiden sectoren als de media, elektronica en entertainmentsector hebben het medialandschap veranderd in een turbulente omgeving.

Tegelijkertijd rijst de vraag of en hoe de overheid innovatie in dit turbulente medialandschap kan stimuleren. Maar: als je wilt weten wat je kunt verbeteren, moet je eerst weten wat er zoal gebeurt aan innovatie in de sector. Dit onderzoekheeft bestaand innovatiebeleid in België, Finland, Duitsland, Italië, Portugal, Spanje, Zwitserland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk geëvalueerd en de best practices in kaart gebracht. Het onderzoek kwam tot stand onder leiding van Hans van Kranenburg, professor bedrijfsstrategie bij de Radboud Universiteit Nijmegen, met bijdragen van wetenschappers uit bovengenoemde landen.

Concentratie

Uit het onderzoek blijkt dat de Europese traditionele nieuwsmedia-sector een hoge mate van concentratie kent – en die neemt alleen maar toe. Niet geheel toevallig blijkt dat de regelgeving omtrent cross-ownership in de verschillende Europese landen door de jaren heen geleidelijk is verdwenen: mededingingsrecht heeft deze taak overgenomen. En mochten mediabedrijven in verschillende landen opereren, dan is er het Europees mededingingsrecht. Of het nu om ‘traditionele’ of ‘nieuwe’ nieuwsmedia gaat, vrije en onafhankelijke media zijn inherent aan een democratische samenleving. Het is daarom van belang, zeggen de onderzoekers, dat niet één partij de nieuwsvoorziening in een land domineert.

Sommige mediabedrijven in Europa hebben een manier gevonden om de regelgeving te omzeilen: zij hebben hun aandacht verlegd naar markten buiten Europa. Zo zijn er enkele Portugese mediabedrijven, die mede vanwege de economische crisis zoeken naar nieuwe kansen in Afrika en Latijns-Amerika. Het bedrijf Ongoing Group, een mediabedrijf dat is gespecialiseerd in economisch nieuws, heeft bijvoorbeeld een nieuwe krant uitgebracht in Brazilië én twee andere kranten opgekocht in het Latijns-Amerikaanse land.

Europees innovatiebeleid

De onderzoekers merken op dat alle landen worstelen met niet één, maar twee vragen: in hoeverre moet de overheid nieuwsmedia ondersteunen? En hoe kan de overheid innovatie in de sector bevorderen?

Het bestaande innovatiebeleid blijkt sterk te verschillen per land. Waar in het Verenigd Koninkrijk innovatie in de media deel is van breder, industrieel innovatiebeleid, bestaat in België innovatiebeleid uit een ecosysteem van instituten en financieringsinstrumenten. In Duitsland ligt de focus op regionale ontwikkeling en infrastructurele projecten. Jarenlang kende Italië een milieu dat innovatie belemmerde in plaats van aanwakkerde, maar daar is verandering in gekomen met een revisie van het subsidiebeleid. Met name digitale activiteiten van mediabedrijven worden nu ondersteund. Spanje en Portugal kennen slechts beperkte ondersteuning voor mediabedrijven. Als er ondersteuning is, richt die zich vaak op techniek in plaats van inhoud. Zwitserland heeft uitstekende incubatie- en infrastructurele voorzieningen en onderwijsondersteuning, maar is minder bekend met bijvoorbeeld subsidies voor nieuwe ondernemingen. Finland is recentelijk gestart met een tijdelijke steunregeling voor mediabedrijven in transitie. De regeling is technologisch neutraal, maar de projecten moeten geïmplementeerd worden in een digitale omgeving.

Publieke omroepen

Nederland heeft in het afgelopen decennium beleidsinstrumenten ingesteld die focussen op flexibele en tijdelijke ondersteuning. Deze instrumenten zijn er voor zowel traditionele media als nieuwe media. Daarnaast blijft de overheid de publieke omroep ondersteunen, hoewel ze wel moet bezuinigen. Dat laatste is volgens de onderzoekers onderdeel van een grotere trend in Europa. Het gevolg is dat de publieke omroepen focussen op reorganisatie in plaats van innovatie. Dankzij de gekorte budgetten is het volgens de onderzoekers moeilijk te bepalen of het publieke bestel innovatiever is dan commerciële mediabedrijven.

Een publieke omroep die zeker wél innovatie bevordert, is de BBC in het Verenigd Koninkrijk. In samenwerking met een aantal commerciële bedrijven heeft de BBC actief bijgedragen aan de ontwikkeling en uitrol van digitale televisie. Ook heeft de BBC haar website op de kaart gezet als één van de meest succesvolle nieuwswebsites ter wereld.

Innovatiebeleid in Nederland

De Nederlandse overheid heeft besloten dat de creatieve industrie (waaronder de nieuwsmedia) één van de toonaangevende industrieën van het land moet worden. Concrete innovatiedoelstellingen voor de nieuwsmedia-sector ontbreken vooralsnog, aldus de onderzoekers. Het bestaande innovatiebeleid bestaat uit een mix van verschillende instrumenten: wet- en regelgeving, gedragscodes en financieel/economische instrumenten. Laatstgenoemden zijn over het algemeen van tijdelijke aard, wat volgens de onderzoekers mogelijk gevolgen heeft voor de effectiviteit. Wel is Nederland het enige land in Europa met een fonds dat innovatie in de nieuwsmedia stimuleert.

De conclusies van de onderzoekers zijn niet mals: ondanks de activiteiten van de overheid, heeft de Nederlandse dagbladensector een punt bereikt waarop een nieuwe krant bijna geen kans van slagen heeft.

Landschap in transitie

Het Europese medialandschap, concluderen de onderzoekers, is in transitie. Digitalisering en mediaconvergentie zijn de twee belangrijkste ontwikkelingen die zich in alle onderzochte landen voordoen. Door de afzwakking en zelfs afschaffing van de regelgeving omtrent cross-ownership is een medialandschap ontstaan waarin de bedrijven meer mogelijkheden hebben om zich aan te passen en zijn hun innovatieve mogelijkheden vergroot, aldus de onderzoekers.
Innovatie is dan wel hét toverwoord in de nieuwsmedia-sector, maar een universeel toepasbaar innovatiebeleid is er niet. Goed innovatiebeleid hangt af van politieke bereidheid, betrokkenheid, omstandigheden en de ondernemersgeest van bedrijven. Bestaand innovatiebeleid blijkt vaak voort te borduren op eerdere regelingen of is het gevolg van succesvolle lobby. Daarnaast zien de onderzoekers dat het meeste innovatiebeleid – waaronder het Nederlandse – vooral is gericht op instrumenten aan de aanbodzijde.

Tot slot enige nuancering. Dit is de eerste inventarisatie van media- en innovatiebeleid in Europa. Omdat nieuwe beleidsinstrumenten nog worden ontworpen of pas net zijn geïmplementeerd, is het nog te vroeg om de beste instrumenten te kunnen onderscheiden. Wel durven de onderzoekers te stellen dat Nederland één van de weinige landen is dat innovatie in de journalistiek expliciet ondersteunt.

Download onderzoeksrapport

Reageer

Geef een reactie

*