Van zongedreven auto’s tot slimme portemonnees: wat we kunnen leren van deze startups

Lightyear

Innovatie bereik je niet alleen door middel van technologie, maar vooral door op een nieuwe manier te gaan denken. Met die boodschap zette Denker des Vaderlands Daan Roovers de toon bij de derde editie van het congres Media van Morgen in Amsterdam. Vernieuwende denkers uit allerlei sectoren deelden hun ervaring met aanwezige journalisten. Zes lessen van start-ups die een ‘game changer’ bleken: Lightyear, Felyx en Secrid.

1. Bedenk een missie waar ook je publiek zich in kan vinden

Daan Wijnants van Felyx

Geen autofabrikant, maar ‘een techbedrijf dat toevallig auto’s maakt,’ zo omschrijft PR-man Jonne van Veggel van Lightyear. En niet zomaar auto’s: de afgelopen zomer gepresenteerde ‘LightYear One’ is de eerste gezinsauto ter wereld die volledig op zonnekracht rijdt.

De startup werd vier jaar geleden opgezet door vijf studenten van de TU Eindhoven na het winnen van de World Solar Challenge in Australië. Geen van allen hadden ze veel werkervaring, maar een overtuigende missie was er vanaf dag één: ‘clean mobility for everyone, everywhere’. En dat bleek cruciaal, vertelt Van Veggel. Met een nog onbekende merknaam, een verkoopprijs van 149.000 euro en nog geen auto op de weg, was ‘het verhaal’ achter de auto de doorslaggevende factor. Inmiddels zijn er 120 reserveringen binnen en draait de lopende band van de productiehal in Helmond warm. ‘Iedereen die al een auto gekocht heeft, vindt die missie belangrijk.’

2. Laat je niet leiden door wat er al is, maar begin vanaf nul

Waarom lukte het Lightyear binnen een paar jaar te doen wat autofabrikanten wereldwijd niet eerder voor elkaar kregen? ‘Wij hebben de vrijheid om helemaal opnieuw te beginnen,’ zegt Van Veggel. ‘Als Audi een elektrische auto maakt, moet die eruitzien als een Audi, voelen als een Audi en rijden als een Audi. Wij hoeven geen rekening te houden met bestaande elementen.’

Voor Lightyear begon het met de vraag: ‘Als er nog geen auto’s met benzine- en dieselmotoren bestonden, hoe zou je dan een zo duurzaam mogelijke, zon-aangedreven auto bouwen?’ Het leidde tot een wereldprimeur, die onlangs door Time Magazine als een van de beste uitvindingen van 2019 werd benoemd.

3. Wees ‘de oplossing’, of draag er in elk geval aan bij

Wat bedrijven als Lightyear laten zien is hoe je de gevestigde orde kunt opschudden en je daarvan kunt onderscheiden. Lightyear’s auto moet de gamechanger worden: ‘the car that changed the system.’ Bij Felyx, dat elektrische deelscooters maakt, gaat het om het terugdringen van verkeersdrukte in steden en het verbeteren van de luchtkwaliteit. De boodschap aan de gebruiker is simpel en tegelijkertijd ambitieus: we moeten met steeds meer mensen steeds minder uitstoten. Tegelijkertijd willen we ons wel comfortabel en snel kunnen blijven vervoeren.

Ingewikkeld? Welnee. Met een paar keer drukken op je smartphone ben je onderdeel van de oplossing. En dat willen mensen graag, aldus Daan Wijnants van Felyx. Al moet je als bedrijf natuurlijk wel eerlijk blijven over negatieve bij-effecten van zo’n oplossing. Dat was Wijnants dan ook, toen hij de vraag kreeg hoeveel van zijn klanten de deelscooter als vervanger voor de fiets gebruiken (zo’n 10 tot 15 procent), in plaats van de auto, taxi of eigen benzinescooter. Dat cijfer kun je natuurlijk ook positief zien: het overgrote deel van de met Felyx gemaakte ritten levert wel een verminderde CO2-uitstoot op.

4. Werk samen met zo veel mogelijk partners

‘Hoe meer mensen en organisaties met je samenwerken, hoe breder je idee gedragen wordt,’ vertelt Wijnants uit ervaring. ‘Wie heeft er naast de klant nog meer belang bij de oplossing die jij aandraagt? Wij lossen meerdere problemen op, dus zitten we met meerdere partijen om de tafel.

De gemeente heeft baat bij het terugdringen van parkeerproblemen. Openbaarvervoerbedrijven zien wij ook als partner, en niet als concurrent. Zij zijn ontvankelijk voor ons, omdat we voor hen een aanvulling zijn. Om echt te concurreren met de auto, moet openbaar vervoer een goed alternatief zijn van deur tot deur. Wij bieden de ‘last mile solution’. Onze heat maps laten zien dat een groot deel van onze ritten van en naar stations wordt gemaakt. Inmiddels hebben we daar dus ook speciale parkeervakken, en we kunnen middels geo-fencing afdwingen dat die ook echt worden gebruikt.’

5. Zie crisis als een kans

Marianne van Sasse van Ysselt van Secrid

Als iemand weet wat het is om van niets iets te maken, dan is het Marianne van Sasse van Ysselt. Nadat het ontwerpbureau dat ze jarenlang samen met haar man René van Geer runde in de economische crisis van 2008 op het randje van faillissement balanceerde, vond ze de kracht en inspiratie om op nieuw te beginnen. ‘Niet meer voor opdrachtgevers als Maxi Cosi, KPN en Quooker, maar echt voor onszelf. Ik las in die tijd de blogs van Seth Godin. ‘Be Remarkable’, zei hij. Daar heb ik zoveel aan gehad.’

Tussen onderhandelingen met de bank, belastingdienst en andere schuldeisers door begon het duo aan het ontwerp voor een nieuwe aluminium kaarthouder: de nu wereldberoemde Secrid portemonnee met ‘uitschietende’ bankpasjes en leren hoesje. Terwijl elk dubbeltje moest worden omgedraaid, bouwden ze hun bedrijf van de grond – of eigenlijk, de keukentafel- op. De eerste 13.000 kaarthouders werden daar door henzelf in elkaar gezet.

Dat het recessietijd was, bleek onverwacht gunstig. ‘Veel van onze ontwerpers en leveranciers waren ook geraakt door de crisis, dus hadden ze wel tijd en zin om mee te doen,’ blikt Van Sasse van Ysselt terug. ‘Winkeliers zaten ook te springen om iets nieuws, want niemand bracht iets op de markt. We stuurden ze een proef-exemplaar op met een briefje erbij. Ik moest van mezelf tien nieuwe klanten per dag scoren. Ik had geen geld om ernaar toe te reizen, dus alles ging per telefoon. Terugkijkend weet ik niet hoe ik het gedaan heb, maar het lukte me, omdat het moest.’

6. Hou vast aan je waarden

Secrid wordt volledig in Nederland gemaakt en dat is een bewuste keuze. Milieu-impact en kwaliteitscontrole spelen hierbij een rol, evenals een groot gevoel van maatschappelijke verantwoordelijkheid voor de hele productieketen. Waar in 2009 de leerproductie zo goed als verdwenen was uit Nederland, brachten Van Geer en Van Sasse van Ysselt deze terug. Zelfs het in elkaar zetten van de portemonnees gebeurt nog altijd hier, in drie sociale werkplaatsen.

De transformatie van ‘niets te verliezen’ naar acht miljoen (!) gebruikers, 8000 officiële verkooppunten in winkels in 70 landen verbaast Van Sasse van Ysselt soms nog steeds. De astroloog die ze ten midden van de crisis raadpleegde, zei: je ideeën zijn goed, overwin je angst en hou vertrouwen. Het bleek een gedegen advies.

Foto boven: Jonne van Veggel van Lightyear 

Fotografie: A.M. Minnaard Fotografie 

Over Danielle Batist

Danielle Batist is journalist in Londen en medeoprichter van het Constructive Journalism Project. Ook runt ze Journopreneur: een training- en consultancyservice voor journalisten die willen ondernemen en innoveren.