Voorspellingen over de journalistiek: zijn ze uitgekomen?

PDA

In het jaar 2007 was Jan-Peter Balkenende premier, Donald Trump nog een tv-personality en plaatste Oranje zich keurig voor het EK. Ook het medialandschap is bijna onherkenbaar voor wie tien jaar terug in de tijd reist.

Apps waren er nog niet, dus als je op je telefoon nieuws wilde lezen, moest je wachten tot http://mobiel.nu.nl/ geladen was. Facebook had nog maar vijfenveertigduizend gebruikers – Twitter precies 46. Webredacties waren weggestopte nerd-eilandjes en de nieuwslezers van het NOS Journaal zaten nog op hun billen.

Wel was het duidelijk dat Het Internet dingen ging veranderen, wat voer was voor allerlei voorspellingen. Daarbij werd vaak geredeneerd vanuit bestaande vormen: krant en tv zouden niet vervangen worden, maar slechts van gedaante veranderen. Zo werd er gespeculeerd over ‘digitale multimediakranten’ en ‘internettelevisies’. Hier en daar is knap voorspelwerk te vinden: zo voorzag iemand twaalf jaar geleden al een golf van ‘fake news op het Net’.

We doken zeven voorspellingen op van (ongeveer) tien jaar terug, veelal uit het archief van weblog De Nieuwe Reporter. Degenen die het juist voorspelden, krijgen een extra groot compliment. Degenen die ernaast zaten, valt weinig aan te rekenen – een glazen bol heeft alleen Madam Mikmak.

Het duurt niet lang meer en dan kunnen goede journalisten hun baan opzeggen en hun artikelen financieren via het web.

Henk van Ess, internetexpert

Niet uitgekomen. Tien jaar geleden begon de online-advertentiebubbel flink vol te lopen. Er werd hardop gedroomd van een toekomst waarin redacties en freelancers zichzelf met advertentie-inkomsten kunnen bedruipen. Dit model werd gezien als superieur ten opzichte van geld vragen aan de online lezer, iets wat zelfs een illusie werd genoemd. Tien jaar later lukt het door het Google/Facebook-duopolie zelfs grote websites niet om van online advertenties te overleven – en is juist de betaalmuur weer ‘in’.

[Ik vrees een] toename van fake-news en nieuws dat bewust verspreid wordt via het Net met een ander doel dan informeren.

David Nieborg, mediawetenschapper

Uitgekomen. De grootste mediahype van de laatste tijd werd in 2005 al voorzien door David Nieborg, ver voordat de term überhaupt zijn eigen Wikipedia-pagina had. Wij zijn benieuwd of Nieborg een ‘I told you so’-momentje had.

 Print blijft de belangrijkste manier om nieuws te lezen

35 procent van de krantenhoofdredacteuren

Niet uitgekomen. Voor de papieren krant wordt al eeuwen een spreekwoordelijke geul gegraven. Toch was 85 procent van de Amerikaanse hoofdredacteuren in 2007 ‘optimistisch’ over de toekomst van hun krant. Ruim een op de drie geloofde zelfs dat print dominant zou blijven over online. Dat idee is duidelijk ingehaald door de tijd, al halen de meeste kranten nog altijd het grootste deel van hun omzet uit print.

Burgerjournalistiek zal gewone journalistiek niet verdringen

Hans Laroes, toenmalig hoofdredacteur van het NOS Journaal

Uitgekomen. In 2007 werd opvallend veel over burgerjournalistiek gezegd en geschreven. De digitale revolutie zou voor een fundamentele emancipatie van de burger gaan zorgen. Grenzen tussen journalistiek en publiek zouden vervagen: met een mobieltje bij de hand en een eigen weblog was immers iedereen ‘journalist’. Toch bleef burgerjournalistiek redelijk in de marge. Samenwerking tussen burgers en journalisten nam een veel grotere vlucht.

De helft van de televisies krijgt internet

Stichting SPOT

Niet uitgekomen. De onderzoekers van SPOT (Stichting Promotie Televisiereclame) dachten in 2007 dat binnen vijf jaar de helft van de huishoudens internet zou gebruiken via de televisie. Anno 2017 blijft het aantal smart-tv’s (een woord dat destijds nog niet bestond) steken op ongeveer een derde. Waar SPOT voorzag dat we zouden gaan internetten op onze televisies, is vooral het omgekeerde gebeurd: we kijken via Netflix en andere streamingdiensten televisie op de computer.

Mensen zitten niet te wachten op continue updates op pda’s en onderlinge uitwisseling van informatie. Ze willen gewoon een sterke voorpagina.

Cornelis van den Berg, oprichter De Pers

Niet uitgekomen. In 2007 zwierven er nog vier verschillende gratis dagbladen door Nederland: Metro, Spits, DAG en De Pers. Alleen Metro (waar Spits in opging) heeft het overleefd. Wie nu rondkijkt een willekeurige treincoupé, moet concluderen dat de smartphone als beul heeft gediend. Maar als je dat destijds aan De Pers-oprichter Cornelis van den Berg had verteld, had hij je niet geloofd. Je gaat toch niet de hele tijd op je personal digital assistent zitten als je ook een goede krant kunt lezen?

Je moet blij zijn als er over tien jaar nog één derde van de werkgelegenheid over is

Paul Molenaar, toenmalig directeur Ilse Media

Ongewis. De banen in de journalistiek groeien niet aan de bomen. Maar hoe sterk de werkgelegenheid is gedaald, is moeilijk te zeggen: er worden namelijk nergens cijfers bijgehouden. We weten dat het werkloze journalisten groeit, maar dat laat zich niet direct vertalen naar de werkgelegenheid. In Amerika worden alleen cijfers bijgehouden over krantenredacties: daar daalde het aantal werknemers tussen 2006 en 2015 van 53.600 naar 32.900.

Foto door Guccio

 

 

Deel dit artikel:

Over Menno van den Bos

Menno van den Bos is freelance journalist en antropoloog. Hij schrijft over van alles, maar het meest over media.

Reageer