Grip op de wereld door de krant

Nog even en kranten zijn curiositeiten, denkt journalist Klaas Salverda. Als eerbetoon aan de papieren dag- en weekbladen, schreef hij Testament van de Pers. Maar zijn boek is ook een noodkreet.

Als klein jongetje schreef Klaas Salverda (56) een hele dierenencyclopedie over. Niet als strafwerk, maar omdat dat hem de beste manier leek om al die kennis in zich op te nemen. Later, toen hij begon met het lezen van kranten, knipte hij de stukken die hem boeiden uit. “Vanaf het eind van de lagere school heb ik ieder artikel dat iets bij me losmaakte goed bewaard. Het was, en is nog steeds, mijn manier om grip op de wereld te krijgen.”

In veertig jaar tijd spaarde freelance journalist Salverda, die onder meer schrijft voor vakbladen en VNG Magazine, 13.000 artikelen op, die hij sorteerde en archiveerde. Hij had nooit het idee dat al die knipsels tot een boek zouden leiden, maar nu is het er toch: Testament van de pers. Een ruim zeshonderd pagina’s tellend werk, waarin de duizenden artikelen zijn teruggebracht tot zo’n 1000 fragmenten. Ze zijn thematisch en chronologisch ingedeeld: van berichtgeving over het Binnenhof en euthanasie tot aan de moord op Pim Fortuyn en Islamitische Staat. Bij elkaar geven de fragmenten een indruk van wat er de afgelopen veertig jaar in Nederlandse dag- en weekbladen stond. Salverda: “En dus van wat mensen dachten. Mijn boek is het resultaat van een zoektocht naar de geest en het karakter van collectief denken.”

img_0717Waarom heeft u dit boek geschreven?

“Vooral omdat ik zo ontzettend veel van kranten houd. Ik vind het heerlijk om het papier door mijn handen te laten gaan en de geur van drukinkt op te snuiven. De krant heeft mijn leven en denken richting gegeven, en niet alleen dat van mij. Die functie heeft ze steeds minder, en dat baart me zorgen. Ook daarom is dit boek er gekomen.”

Testament van de pers is dus een ode aan de krant, maar tegelijkertijd een noodkreet?

“Zo kun je het zien. Met dit boek wil ik aandacht vragen voor het probleem van de steeds maar dalende krantenoplages. De krant is een chronisch zieke patiënt, veel zieker dan doorgaans wordt gedacht. Ik hoor mensen vaak zeggen dat ze niet geloven dat kranten zullen verdwijnen, maar als je ziet dat dagbladen ruim veertig procent van hun oplages zijn verloren sinds 2000, is dat toch echt een scenario waar we rekening mee moeten houden.”

Er zijn toch ook kranten die het nog goed doen, zoals de Volkskrant en Trouw?

“Maar ook zij hebben te maken met een groot verlies van hun printoplage, vergeleken met een aantal jaren geleden. Wat je nu ook ziet is dat kranten steeds meer stukken van elkaar overnemen en dat het nieuws wordt opgeleukt met een mooie lay-out en knallende quotes. Alles om maar bij de lezers in de smaak te vallen. Maar het publiek loopt weg.”

Mocht de krant verdwijnen, wat is daar volgens u dan zo erg aan? Er zijn toch genoeg andere media?

“Met de krant gaan ook haar functies als informatieverschaffer, duider, commentator en opinievormer verloren, en dat is volgens mij een groot probleem. Bovendien lazen mensen vroeger niet alleen de krant om op de hoogte te blijven, maar ook omdat ze zich verbonden voelden met andere lezers van die krant. Je was dan ook geen abonnee, maar ‘lid’ van een krant, net als dat je lid was van een kerk, politieke partij en vakbond. Kranten zorgden voor collectieve meningsvorming. Ik heb nog geen ander medium gezien dat al deze functies heeft overgenomen.”

En een medium als De Correspondent dan, dat ook met betalende leden werkt?

“Dat is een mooi initiatief, maar het is te klein om echt een verschil te kunnen maken. Natuurlijk is de journalistiek meer dan alleen de krant en is er heel veel, overstelpend veel, nieuws online te vinden. Maar hoe weet je nu wat je tot je moet nemen om de wereld te begrijpen? In die zin vind ik het verbazingwekkend dat kranten de laatste jaren geen groei hebben doorgemaakt, want tegenwoordig heeft men meer dan ooit behoefte aan de filters en richtingaanwijzers die kranten zijn.

Toch bent u optimistisch in het slot van uw boek.

“De oplossing voor de dalende krantenoplagen heb ik niet nog niet voorbij horen komen, en ik twijfel of die ooit zal komen. Maar als er iets is dat mijn boek laat zien, is het dat, hoewel we in de afgelopen veertig jaar wel eerder in diepe crisis zaten, we er vaker goed van weggekomen zijn. Toen Ronald Reagan aan de macht kwam, een b-acteur zonder noemenswaardige politieke ervaring, hield de wereld zijn hart vast. Toch was hij het die één van de fijnste Amerikaanse presidenten ooit bleek, die met een ontzettend belangrijk vredesakkoord kwam met de grootste vijand. Ik geloof er daarom heilig in dat onze geschiedenis een ongelooflijke kracht heeft om crises te boven te komen. Zo zullen we ook het vraagstuk van de ontlezing van de papieren krant wel te boven komen.

Foto boven door Robert Croma
Foto midden: Klaas Salverda 

 

Reageer

Geef een reactie

*