Hoe je nieuws vindt op sociale media (en nepnieuws omzeilt)

Man met icons

Nieuws jagen op sociale media is een proces vol valkuilen. Specialist Fergus Bell van Dig Deeper Media vertelde op de Grote Expertisedag Nieuwe Media, afgelopen maandag, hoe je sociale-mediastromen maximaal kunt benutten zonder mis te stappen.

1. Gestructureerd monitoren

Nieuws vinden op sociale media doe je door scherp te monitoren. “Monitoren is: weten wat er gebeurt zonder dat je ernaar hoeft te zoeken. Goed monitoren van sociale kanalen kan je als redactie een voorsprong geven op persagentschappen”, aldus Fergus Bell.

Voor het structureren van het monitoren zijn veel tools – de ene beter dan de andere. Volgens Bell is Tweetdeck, dat tweets in kolommen verdeelt, het enige echt onmisbare hulpmidel. Bell noemt drie essentiële kolommen: 1) een met breaking news-accounts van redacties en persbureaus; 2) een met accounts van nieuwsjunks; 3) een die tweets met bepaalde vooraf ingestelde alarmwoorden weergeeft, zoals ‘evacuatie’ en ‘schoten’.

Gebruik gewonemensentaal bij zoekopdrachten

Structuur bewaak je ook middels de overdracht tussen elkaar aflossende nieuwsredacteuren. Bell: “Wat zijn de uitstaande zoekopdrachten, welk nieuws is geverifieerd of afgeschoten? Met welke ooggetuigen op sociale media is reeds contact gelegd?” (Uit voorbeelden die Bell laat zien, blijkt dat collega’s vaak los van elkaar dezelfde personen benaderen.)

Man met icons
Man met icons

Sociale media monitoren verloopt vaak passief, maar niet altijd. Wanneer er iets groots is (of lijkt te zijn) gebeurd, begint het actieve speuren: zoeken op steekwoorden. Helaas zijn journalisten geneigd te zoeken op hun eigen jargon, vertelt Bell. “Zo hebben journalisten  het vaak over een ‘explosie’. Maar dat is geen taal die gewone mensen gebruiken. Zij zullen eerder tweeten over een ‘knal’, en woorden als ‘wow’ of zelfs scheldwoorden gebruiken.”

Het is slim om aan een steekwoord de locatie te koppelen. Bell adviseert om dat zo specifiek mogelijk te maken. Om bij een explosie te blijven: buurtbewoners die een knal horen zullen eerder hun wijk of straat noemen dan de stad of regio. Oftewel: beter op ‘knal + Herengracht’ zoeken dan op ‘knal + Amsterdam’.

2. Verifiëren en toestemming vragen

Bij speuren op sociale media hoort de vraag: hoe betrouwbaar is deze informatie? “Dat lijkt vanzelfsprekend, maar toch gebeurt het niet altijd”, vertelt Bell. “Bronnen op sociale media worden door redacties vaak minder kritisch bekeken dan andere bronnen, zoals persberichten.” Een tweet met misleidende geruchten kan daardoor zomaar worden geëmbed in een nieuwsverslag dat verder prima gecheckt is.

Informatie verifiëren kan weerbarstig zijn. Met name als het gaat om beelden: rond brekend nieuws is vaak gemanipuleerd hobbywerk in omloop. Maar de meeste misleidende uitingen, zegt Bell, zijn niet nep maar oud. Zo is onderstaande video van een neerstortende helikopter in Oekraïne 100 procent echt. Alleen speelde de gebeurtenis zich in werkelijkheid af in Syrië en was de video in die hoedanigheid al eerder verspreid.

Het is lastig om videos te verifiëren, vertelt Bell. Bij twijfel kan rondvragen op de redactie lonen (‘heeft iemand dit eerder gezien?’), evenals googelen op eerdere berichtgeving over bijvoorbeeld helicoptercrashes.

Gelukkig is verificatie meestal eenvoudiger, met wat logisch denkwerk. Verschijnt een ogenschijnlijk gemanipuleerd beeld kort na een gebeurtenis? Dan is het waarschijnlijk tóch echt – beeldbewerking is namelijk tijdsintensief. Bell verwijst naar de blunder van Channel Seven, dat na de aanslagen in Parijs de Nederlandse vlag uitzond. Aanvankelijk werd gedacht aan photoshopwerk – maar daar kon niemand op dat moment de tijd voor hebben gehad. Daadwerkelijke blunder dus.

Soms staat in de eerste comment al dat het oude beelden betreft

Het is ook verstandig om te kijken naar het profiel van een uploader. “Stel, iemand uploadt een video van een storm die op dat moment raast. Check dan wat er verder op het YouTube-profiel van die persoon staat. Staat het vol met video’s van stormen over de hele wereld? Dan moet er een belletje gaan rinkelen.”

Kijk ook naar de titel van een video. “Beelden uit Syrië zonder gesproken commentaar van de filmer zijn verdacht. In het Midden-Oosten beschrijven activisten altijd wat er gebeurt, om misbruik te voorkomen.” Nog een advies van Bell: lees de comments. “Soms staat het al in de bovenste reactie als het oude beelden betreft.”

3. Bewaak ethische grenzen

Ethiek is een saai woord, erkent Bell. Toch maakt hij er een groot punt van als het gaat om nieuws jagen op sociale media. “De reden dat we als journalisten ethisch moeten werken is de duurzaamheid van onze relatie met het publiek. Ze moeten bereid blijven om met ons mee te werken.”

Een van de ethische valkuilen is: burgers om informatie te vragen terwijl ze zich in een gevaarlijke situatie bevinden. Vaak tweeten verslaggevers mensen of ze hen mogen bellen als ze in veiligheid zijn. “Los van het feit dat dit bijna nooit iets oplevert: waarom niet wachten tot iemand daadwerkelijk in veiligheid is?”

Geruchten verspreiden geeft het publiek weinig vertrouwen

Toestemming vragen is een must. Maar ook bij toestemming om iets te gebruiken, heeft de journalist een verantwoordelijkheid voor de maker, vindt Bell. “Een 16-jarige kan er bijvoorbeeld niet altijd de consequenties van overzien als CNN zijn video overneemt.” Contact met de maker is niet alleen essentieel voor toestemming, maar ook voor extra context. Bell: “Een video overnemen zonder erover door te vragen, is hetzelfde als dat je ergens fysiek verslag doet zonder dat je de ooggetuigen bevraagt.”

Ten slotte raadt Bell het verspreiden van geruchten op sociale media af. “Journalisten gebruiken het woordje ‘onbevestigd’ als schaamlapje om het tóch maar te kunnen verspreiden. Dat geeft het publiek weinig vertrouwen.”

 

Over Menno van den Bos

Menno van den Bos is freelance journalist en schrijft over media en maatschappij. Hij werkt voor Vrij Nederland, NRC, VICE en SVDJ.nl.

Reageer

Geef een reactie

*