Onderzoeksjournalistiek in de regio is een ‘traditie om hoog te houden’

Onderzoeksjournalistiek is tijdrovend en dus kostbaar, maar twee adjunct-hoofdredacteuren en een chef van drie regionale kranten willen er toch ruimte voor blijven maken. Ook al is er soms een ‘polderoplossing’ voor nodig, omdat verslaggeving voorop staat.

Een kleine gemeente met de problematiek van een grote stad: “Het chique Noordwijk is een goudmijn voor projectontwikkelaars en de lokale politiek werkt er of aan mee, of kan er niets tegen doen.” Zo begint een serie onthullende artikelen die het Leidsch Dagblad in december publiceerde, resultaat van maandenlang onderzoek door freelance journalist Peter Olsthoorn. Zes dagen achter elkaar was er dagelijks een artikel in de krant te lezen, en online longreads die het onderwerp verder uitdiepten.

Is zo’n uitgebreide onderzoeksproductie bij een regionale krant een uitzondering, en hoe denken hoofdredacteuren over onderzoeksjournalistiek in de regio?

Polderoplossing

Hugo Schneider was als adjunct-hoofdredacteur van Holland Media Combinatie (HMC), waartoe het Leidsch Dagblad behoort, betrokken bij de publicatie over Noordwijk. Hij vertelt dat ook eigen journalisten van de centrale nieuwsredactie af en toe worden vrijgemaakt voor een onderzoek. Maar het is lastig voor regionale kranten, zegt Schneider: “Ik zou onze journalisten wel wat vaker willen inzetten voor grote verhalen, maar dat gaat ten koste van de lokale of regionale verslaggeving. En dat is nu eenmaal de functie die we hebben.” Toch heeft HMC het plan om een driekoppige onderzoeksredactie te starten.

We hebben een traditie van onderzoeksjournalistiek die we hoog willen houden

Bij het Dagblad van het Noorden is, vanwege bezuinigingen, een constructie bedacht om met weinig mensen toch onderzoeksjournalistiek te bedrijven. De onderzoeksredactie bestaat uit drie journalisten die rouleren. Ze doen afwisselend vier weken onderzoek en twee weken verslaggeving. Er zijn dus altijd twee onderzoeksjournalisten aan het werk. “Een polderoplossing”, zegt chef Jantina Russchen, maar ze is er blij mee.

De Limburger heeft een onderzoeksredactie waar zes journalisten fulltime werken. “We hebben een traditie van onderzoeksjournalistiek die we hoog willen houden”, zegt adjunct-hoofdredacteur Bjorn Oostra.

Bestaansrecht

Maar het gaat niet alleen om een traditie. Bestaansrecht, ertoe blijven doen, de waakhond zijn in een democratie: dat zijn voor Schneider, Russchen en Oostra de belangrijkste redenen voor het behoud van onderzoeksjournalistiek in hun krant. Nieuws is tegenwoordig overal te vinden en vaak zelfs gratis. Een dagblad moet zich onderscheiden, duiding en verdieping toevoegen met het grondig uitzoeken van zaken. De ‘kaalslag’ van de journalistiek is bovendien bij regionale kranten groter dan bij landelijke kranten, vinden ze.

Alle drie zijn ze er ook van overtuigd dat de lezers van hun kranten behoefte hebben aan diepgravende onderzoeksjournalistiek. Oostra: “Weinig lezers zeggen dat natuurlijk op die manier, maar we krijgen positieve reacties op de verhalen die we maken.”

Klokkenluiders stappen liever naar landelijke media – de tragiek van de regionale dagbladen

Van tips moeten de regionale onderzoeksredacties het niet altijd hebben. Klokkenluiders stappen liever naar landelijke media, want dat levert meer aandacht op, zegt Schneider. “Dat is een beetje de tragiek van de regionale dagbladen.”

Maar regionale media hebben ook een voordeel: de journalisten zitten dicht op de gebeurtenissen in de regio en lopen zo sneller aan tegen een onderwerp dat het verdient uitgezocht te worden. De constructie bij het Dagblad van het Noorden van afwisselend verslaggeving en onderzoek doen, is om die reden ook nuttig, vindt Jantina Russchen.

Daarnaast werken onderzoeksjournalisten regelmatig samen met regioverslaggevers. Die hebben immers de contacten. “Onthullende dingen horen vereist een vertrouwensrelatie met bronnen”, zegt Russchen. De kennis en het netwerk van de regioverslaggever worden zo gecombineerd met de tijd en de competenties van een onderzoeksjournalist.

Tegel

Regionale onderzoeksjournalistiek had de afgelopen jaren regelmatig flinke impact, ook op nationale schaal. De corruptiezaak rond oud-wethouder Jos van Rey, de reconstructie van ‘Project X’ en de rellen in Haren, het gebruik van kankerverwekkende verf door Defensie, dopinggebruik in de internationale atletiek: allemaal aan het licht gebracht door regionale kranten.

De serie artikelen over Noordwijk van Peter Olsthoorn is door Hugo Schneider ingestuurd voor de Tegel en Schneider staat open voor meer samenwerking met freelancers. Olsthoorn is blij met de steun die hij kreeg van Schneider en de hoofdredactie van HMC. Een bron uit zijn verhaal probeerde publicatie te voorkomen door te dreigen met een rechtszaak. In zijn eentje zou hij daar moeilijk tegenop hebben gekund, nu verleende het overkoepelende concern boven HMC (TMG) hem juridische steun.

Hij pleit voor meer samenwerking: tussen kranten en freelancers – het liefst in een vroeg stadium van het onderzoek – en tussen freelancers onderling. “Door nieuwe verbanden te smeden kunnen we sterker staan in de onderzoeksjournalistiek.”

Foto: het strand van Noordwijk, door Dave H.

Over Jolanda van de Beld

Jolanda van de Beld studeerde Nederlands, Politicologie en Journalistiek & Media aan de Universiteit van Amsterdam. Ze werkt als freelance journalist voor onder andere NRC en Investico en houdt zich veel bezig met de nieuwe mogelijkheden van online journalistiek.

Reageer

2 comments

Van de overigens begrijpelijke voorkeur voor landelijke kranten als het gaat over tips, heb ik een traumatisch praktijkgeval in het verleden te melden. In de jaren zestig vond de toenmalige r.-k. universiteit van Nijmegen iets op het probleem van het resuskind (van ouders met beiden resus negatief): bloedvervanging direct na de geboorte. Als redacteur van een regionale Brabantse krant had ik lucht van dit nieuws. De bron belde echter met mijn toenmalige hoofdredacteur – een ‘vriendje’ – met de mededeling dat hij het liever aan een met name genoemde landelijke krant gaf. De hoofdredacteur was een zak, dus hij ging door de knieën.

Klokkenluiders stappen liever naar landelijke media, want dat levert meer aandacht op, zegt Schneider. Als het om regionale onthullingen gaat, dan heb ik daar vroeger in Rotterdam en omgeving nooit last van gehad. We hebben ook via de toenmalige GPD aardig wat onderzoekszaken binnengekregen van andere regionale kranten. Als het om landelijke ‘klokkenluiders’ gaat dan stappen ze inderdaad liever naar De Volkskrant, NRC-Handelsblad, AD, De Telegraaf of niet te vergeten Het Financieele Dagblad. Hun onthullingen krijgen dan ook meer landelijke aandacht. Zeker op radio/tv en Teletekst. Overigens zijn opinies tegenwoordig belangrijker in de media dan kennelijke onthullingen.

Geef een reactie

*