Belasting op nieuws: de btw gaat omhoog (en nog niet omlaag)

Belasting op nieuws is een beladen onderwerp. Waar in sommige landen nul procent geldt, gaat in Nederland het tarief van 6 naar 9 procent voor kranten en tijdschriften. Digitaal nieuws valt voorlopig nog onder het hoge tarief van 21 procent – een doorn in het oog van De Correspondent en Follow The Money maar ook van de krantenuitgevers.

Per 1 januari gaat de btw omhoog. Het lage tarief van 6 procent gaat naar 9 waardoor kranten en tijdschriften duurder worden. De verlaging van de btw voor digitaal nieuws wordt niet per 1 januari ingevoerd, een tegenvaller voor de uitgevers van betaalde nieuwssites en hun lezers die daardoor niet op een prijsverlaging (btw van 21 naar 9 procent) hoeven te rekenen.

Historisch gezien is de belasting op nieuws een beladen onderwerp. Nederlandse kranten maakten in het laatste kwart van de 19e eeuw een groeispurt door dankzij de afschaffing van het gehate ‘dagbladzegel’, een belasting op papier die voor uitgevers in sommige gevallen op bijna 50 procent van hun omzet neerkwam. In 1869 werd deze afgeschaft.

50 jaar btw

In Nederland werd in 1969 – 100 jaar na de afschaffing van het dagbladzegel’ – de btw ingevoerd. Met een verlaagd tarief voor ‘etenswaren en sommige diensten’ volgens de Belastingdienst. Kranten en tijdschriften vallen onder het verlaagde tarief, maar ‘via internet aangeboden informatie’ niet. Sommige diensten zijn vrijgesteld van btw: beleggen in goud, kansspelen en… ‘niet-commerciële activiteiten van landelijke, regionale en lokale omroeporganisaties.’ Geen gelijk speelveld dus.

Het verlaagde tarief ging van 4 (1969) naar 6 (1986) en maakt in 2019 een fikse sprong. Het ‘reguliere’ tarief steeg van 12 in stapjes tot 20 in 1986, daalde daarna licht maar kwam in 2012 op het huidige niveau van 21 procent.

BTW-tarieven sinds 1969

Wat dat voor de schatkist oplevert is onbekend. Via de NDP-jaarverslagen weten we van krantenuitgevers wat de omzet is. In de grafiek hieronder is de btw berekend zoals die geheven zou worden over de omzet als de uitgevers zelf geen btw zou betalen over ingekochte producten en diensten: het ‘bruto’ bedrag. In werkelijkheid is de afdracht aan de belastingdienst uiteraard lager omdat uitgevers de door hen betaalde btw weer mogen aftrekken. We kunnen wel zien wat het geschatte effect van de verhoging in 2019 is. In dat jaar gaat het bruto-bedrag dankzij het hogere tarief naar 125 miljoen euro.

Tot zo’n vijf jaar geleden was de bruto btw-opbrengst van advertenties hoger dan die over de lezers-inkomsten. Tot 2018 zijn ze in evenwicht, bij het nieuwe tarief levert de lezer meer btw op dan de adverteerder.

De ‘bruto’ BTW-afdracht van krantenuitgevers, dus zonder aftrek van de BTW zie ze zelf betaald hebben. (2018 en 2019 zijn geschat op basis van omzet van 2017, ‘lezers-inkomsten’ zijn met 6 c.q. 9 (2019) procent belast – omdat het deels om hybride abonnementen gaat kan dit in de praktijk afwijken.)

Het ‘bruto’ btw-bedrag van digital-only nieuwsmedia is relatief bescheiden, ruim 400.000 euro voor De Correspondent en zo’n 80.000 euro voor FTM (schatting 2018).

Het full-price jaarabonnement op de krant wordt duurder als de verhoging van 6 naar 9 procent volledig wordt doorberekend. Gemiddeld wordt zo’n abonnement 12 euro duurder. Als er ook een digitale component in de prijs is verdisconteerd, kan de verhoging minder zijn, het hoge tarief van 21 procent verandert namelijk niet. Voor volledige digitale abonnementen verandert er (nog) niets.

Papieren abonnementen waarbij lezers ook het recht hebben om de digitale krant te lezen, vallen volledig onder het lage tarief. Voor abonnementen met volledig digitale toegang naast een weekend-print-abonnement wordt een uitsplitsing gemaakt op basis van daadwerkelijk gebruik van de digitale krant.

De verhoging van 6 naar 9 procent valt in één opzicht mee. In 2016 werden er plannen gesmeed om kranten en tijdschriften naar het tarief van 21 procent te verhuizen. NDP Nieuwsmedia noemde dat destijds ‘een aanslag op de dagbladsector’.

Digitaal nieuws

Een verlaging van het tarief voor digitaal nieuws staat er wel aan te komen. In Europa is afgesproken dat ook digitale nieuwsproducten onder hetzelfde tarief als print-producten kunnen gaan vallen. Maar dit jaar is dat niet gelukt. Het zou waarschijnlijk niet alleen om digitale kranten en de betaalde toegang tot websites van traditionele nieuwsmedia gaan, maar ook om online-only initiatieven als De Correspondent, Follow The Money (FTM), Blendle, Readly en Tijdschrift.nl.

Digitale abonnementen worden dan fors goedkoper. Voor een abonnement op een digitale krant (de pdf-versie en de website) zou dat gemiddeld dalen van 265 naar 240 euro. Het website-only abonnement zou van gemiddeld 120 naar 108 euro gaan, terwijl FTM en De Correspondent 7 à 8 euro minder aan hun abonnees zouden kunnen vragen.

Prijzen voor digitale abonnementen, voor en na nieuw tarieven

Wanneer die wijziging komt is niet duidelijk. Voor de begroting van 2019 is het niet meer gelukt. Dat zou betekenen dat er op 2020 gemikt wordt. Ook is het niet voor 100 procent zeker welke publicaties eronder gaan vallen: alle betaalde digitale (elektronische) producten, of alleen ‘digitale kranten’?

Willem-Albert Bol, Creative Director bij De Persgroep:

‘We hebben nog de hoop dat de verlaging voor digitale producten voor de zomer rondkomt, het is immers al in Europees verband besloten, en er wordt ook flink gelobbyd om dat voor elkaar te krijgen. Als de verlaging voor digitale producten naar 9 procent in 2019 ook nog komt moeten we dat wel goed uitleggen aan de lezers, omdat ze dan twee aanpassingen per jaar zouden krijgen.’

Herman Wolswinkel van NDP Nieuwsmedia vreest dat de kans groot is dat 2019 niet gehaald wordt:

‘Het is het kabinet helaas niet gelukt om de btw-verlaging op de valreep mee te nemen in het Belastingplan 2019. Het eerstvolgende reguliere moment is het volgende Belastingplan dat op Prinsjesdag bekend wordt. Een afzonderlijk wetsvoorstel is ook een optie, maar dat heeft meestal een langere doorlooptijd in ‘Den Haag’ dan een Belastingplan. Als de btw-verlaging nog medio 2019 in moet gaan, moet er op heel korte termijn een kant-en-klaar wetsontwerp liggen.’

NDP Nieuwsmedia is ervoor dat alle nieuwsplatformen aanspraak moeten kunnen maken op het verlaagde tarief. Welke producten er precies onder gaan vallen, moet nog in de Nederlandse wet worden vastgelegd. Wolswinkel:

‘De Europese wetgeving gaat ook na de wijziging helaas nog steeds uit van boeken, kranten en tijdschriften. Van e-papers is duidelijk dat zij eronder vallen, voor innovatievere digitale producten moet de Nederlandse wetgever dat beter onderbouwen. Gelukkig lijkt die ruimte er binnen de Europese regels wel te zijn. Videodiensten zoals Netflix heeft men wel expliciet uitgesloten van het verlaagde tarief.’

Wolswinkel verwijst daarbij naar de tekst van de EU-richtlijn: waarin staat dat het gaat om alle lidstaten ‘een verlaagd btw-tarief toe [kunnen gaan] passen op de levering van boeken, kranten en tijdschriften, ongeacht of deze op een fysieke drager dan wel langs elektronische weg worden geleverd.’ In de richtlijn wordt overigens wel in algemene zin gesproken over ‘langs elektronische weg geleverde publicaties.’

Straf op innovatie

NDP Nieuwsmedia is een voorstander van de verlaging: ‘Voor een krant die op een tablet wordt gelezen, moet nog steeds 21% btw worden betaald in plaats van de gebruikelijke 6 procent btw. Dit moet veranderen,’ schreeft Herman Wolswinkel van de NDP Nieuwsmedia eerder. Dat zou voor alle digitale journalistiek gelden: ‘Omdat digitaal gepubliceerde journalistiek dezelfde maatschappelijke functie vervult als gedrukte nieuwsmedia, vindt NDP Nieuwsmedia dat daarvoor ook het 6 procent-tarief moet gelden. De NDP verwacht de verlaging ‘in 2019. Ook Thomas Bruning van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) was voor, het hogere tarief zou een rem op innovatie zijn, zei hij eerder tegen de Volkskrant.

Voor media als FTM is het verschil tussen de behandeling van print- en digitale media onverdraaglijk. Jan-Willem Sanders, uitgever van FTM: ‘We zijn digital only. Bovendien hebben we ook gekozen om uitsluitend het abonnementsmodel te hanteren. Als digital only-speler betalen wij 21 procent btw over onze abonnementsinkomsten. Kranten betalen echter 6 procent over het gros van hun abonnementsinkomsten. Terwijl wij beiden een journalistiek product maken. Dit verschil in btw zet nieuwe, innovatieve journalistieke ondernemingen op achterstand. Follow the Money wil een gelijk speelveld voor alle journalistieke bedrijven. Wij zijn dan ook zeer teleurgesteld dat deze ongelijkheid in 2019 blijft bestaan. Dat voelt als een straf op innovatie.’

Uitgever Ernst-Jan Pfauth schreef eerder over het verschil in tarieven op De Correspondent: ‘Over het ledengeld moeten we 21 procent btw afdragen, omgerekend 17,4 procent van onze omzet uit lidmaatschappen.  Oneerlijk, vinden wij, want een papieren journalistiek medium hoeft maar 6 procent btw af te staan.’

Europa

Binnen Europa bereikt Nederland de kopgroep als ze van 6 naar 9 procent gaan, vlak achter Finland en Oostenrijk. Drie landen kennen een nultarief voor kranten: Groot-Brittannië, Denemarken en België. De ‘reguliere’ tarieven gelden voor digitale producten in de meeste landen.

In Italië (4 procent) en Frankrijk (2,1 procent) zijn digitale kranten en tijdschriften al onder het lagere tarief gebracht. Ook in België geldt voor digitale versies van kranten (exacte digitale replica) het nultarief.

Bronnen: jaarverslagen NDP Nieuwsmedia, ndpnieuwsmedia.nl, europa.eu, belastingdienst.nl.

Over Piet Bakker

Piet Bakker was tot voor kort lector Crossmedia & Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht.