Illustraties: Eline Schipperen

De fediverse als alternatief voor big tech: ‘Het is een soort sociaal supernetwerk’

Nieuws | Nieuws

Steeds meer journalisten willen loskomen van big tech, en zoeken naar alternatieven voor mainstream sociale media als X, Instagram en TikTok. Diensten als Mastodon en PeerTube bieden uitkomst. Zij worden samen ook wel de fediverse genoemd. Hoe werkt die en wat kunnen journalisten eraan hebben? 

Wie als journalist een publiek wil bereiken, kan niet om sociale media heen. Tegelijkertijd wringt dat steeds meer. Instagram, Facebook, X en TikTok zijn in handen van grote techbedrijven als Meta en X Corp. Zij bepalen wie jouw berichten ziet, welke spelregels er op hun platforms gelden en welke content het meest verspreid wordt. Extreme meningen krijgen vaak meer aandacht, genuanceerde en inhoudelijke bijdragen juist minder.  

Verandert zo’n platform van algoritme of koers, dan heb je daar als journalist niets over te zeggen. Om die controle wél te hebben, zoeken media steeds vaker naar alternatieven. Een belangrijke daarvan is de fediverse: een sociaal netwerk dat fundamenteel anders werkt dan de platforms die we gewend zijn.

Sociaal supernetwerk

‘Je kunt de fediverse zien als een soort sociaal supernetwerk,’ legt schrijver en analist Laurens Hof uit. Op zijn blog Connected Places houdt hij nu zo’n drieënhalf jaar bij wat er gebeurt rondom de fediverse. ‘Het is een verzameling van tienduizenden losse platforms die onderling verbonden – gefedereerd – zijn door open protocollen.’ Meestal is dat ActivityPub, maar de software erachter kan verschillen.

Open protocollen zijn een soort gemeenschappelijke taal.

Dat klinkt misschien abstract, maar het principe kennen we eigenlijk al van e-mail. Met je Gmail-account kun je zonder problemen naar iemand mailen die een mailadres bij Outlook heeft. Binnen de fediverse kunnen verschillende sociale netwerken op vergelijkbare wijze met elkaar communiceren. Dat maakt het ‘open en decentraal’. 

Van Pixelfed tot PeerTube

De bekendste fediversedienst is Mastodon, met ongeveer 1 miljoen actieve gebruikers – of ‘deelnemers’, zoals ze zelf zeggen – per maand. Mastodon bestaat al sinds 2016, en is samen met Bluesky (geen onderdeel van de fediverse) het grootste toevluchtsoord voor mensen die X na de overname door Elon Musk verlieten. Pixelfed vormt een alternatief voor Instagram, PeerTube voor YouTube en Loops voor TikTok. Ook websites die op het welbekende WordPress draaien, kunnen via ActivityPub onderdeel worden van de fediverse.

In de fediverse kan iedereen een server beginnen en daar zelf de regels bepalen

Laurens Hof, schrijver en analist

Wat het nog iets ingewikkelder maakt: er is niet één Mastodon, zoals er één X is. Mastodon bestaat op zichzelf ook weer uit duizenden onderling verbonden servers. Wie zich voor het eerst aanmeldt, doet dat bij een van die servers – maar kan vervolgens met alle servers communiceren. 

Meer regie

Je kunt dus content zien van mensen die je volgt op verschillende Mastodon-servers, maar ook op Pixelfed of PeerTube. En wil je vanuit Mastodon een reactie onder een video op PeerTube plaatsen, dan is dat een kleine moeite. Hof: ‘Traditionele sociale media doen het tegenovergestelde: zij proberen zo veel mogelijk gebruikers op één plek te houden, zodat ze zoveel mogelijk advertenties zien.’ Op een link naar een artikel klikken buiten Instagram? Dat is lastig. Een X-bericht zien tussen je TikTok-video’s? Ook geen optie.

Bij de fediverse kan dat wel. Bovendien spelen advertenties en algoritmes geen – of een kleine – rol. Een centraal commercieel verdienmodel is er ook niet. Veel platforms draaien op donaties en bepalen zelf hoe ze de kosten dekken, bijvoorbeeld door geld te vragen voor de hosting van een server. 

Meer regie

Berichten krijg je vaak op chronologische volgorde te zien, in plaats van wat het meest populair is. ‘Dat geeft je als redactie meer regie over hoe je je publiek bereikt. Ook als freelancer wil je waarschijnlijk niet voor je inkomen afhankelijk zijn van algoritmes. En alle vrijheid hebben om te schrijven waarover je wilt schrijven,’ weet Hof uit ervaring. 

Een ander verschil, volgens Hof: ‘De fediverse heeft niet één eigenaar, maar bestaat uit heel veel afzonderlijke plekken. Gebruikers kunnen zo’n eigen ‘server’ of ‘instance’ zelf opzetten en er zelf de regels bepalen.’ Het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek zou bijvoorbeeld een eigen server kunnen beginnen: svdj.social. Een plek waar medewerkers, verwante organisaties en andere geïnteresseerden al het nieuws rondom journalistieke ontwikkelingen, evenementen en onderzoeken kunnen delen. ‘Iedereen kan dus zijn eigen plekje op het internet beginnen,’ stelt Hof. ‘Een eigen community, meestal voor een heel specifieke doelgroep.’

Direct contact met publiek

Wat kunnen journalisten met de fediverse? Dat is een van de vragen waar Sander van der Waal, directeur strategie bij Waag Futurelab, zich momenteel mee bezighoudt. Waag Futurelab onderzoekt hoe opkomende technologie kan bijdragen aan een eerlijke, open en inclusieve samenleving.

Op netwerken als Mastodon kun je je publiek rechtstreekser bereiken

Sander van der Waal, directeur strategie bij Waag FutureLab

‘Journalisten kunnen netwerken als Mastodon of Pixelfed op dezelfde manier als X en Instagram gebruiken. Artikelen delen, aanbevelen, reageren op je doelgroep. Maar het biedt ze ook de mogelijkheid hun publiek rechtstreekser te bereiken – en daar directer mee te communiceren. Je kunt zelfs je eigen server opzetten of feed bouwen.’ Bijvoorbeeld over een specifiek onderwerp, zoals technologie, films of sport. 

Zo ontstaan kleinere gemeenschappen met een eigen cultuur en eigen regels. De queer community in Groningen, bijvoorbeeld. Of liefhebbers van fanfictie. Ook evenementen kunnen gedeeld worden, waarbij je dan gemakkelijk ziet wie er komt en interactie met die groep kunt hebben.

Betrokken doelgroep

‘De fediverse is nog niet voor elke mediaorganisatie interessant,’ zegt Hof. ‘De huidige gebruikers zijn over het algemeen vrij links en idealistisch. Een titel als De Groene Amsterdammer zal er dan ook meer aan hebben dan De Telegraaf. Het is niet de plek waar het grootste publiek zit, en dat zal het waarschijnlijk ook nooit worden. Maar het is wél een aantrekkelijke doelgroep, want het zijn heel betrokken mensen. Mensen die ál het nieuws over een bepaald topic volgen. Die niet alleen koppen scannen, maar artikelen van A tot Z lezen en die ook delen.’ 

Als organisatie en gebruiker heb je op de fediverse behalve meer controle en grip ook meer vrijheid. Bij Mastodon kun je bijvoorbeeld je account naar een andere server verplaatsen en je volgers meenemen. Je bent dus minder gebonden aan één aanbieder.

Volgens Hof past daar ook een andere houding bij: beheerders van een community vinden het helemaal niet erg als mensen daarnaast op andere plekken op het internet actief zijn. ‘Een veelvoorkomend misverstand is dat je moet kiezen tussen platforms. Dat hoeft helemaal niet. Je kunt prima zowel op open sociale netwerken als op bestaande platforms zitten. Het is niet óf óf, maar én én. Zie de fediverse vooral als een plek erbij.’ 

Zelf regels bepalen

Bij vrijheid komt wel verantwoordelijkheid kijken. Nu er geen groot (tech)bedrijf meer is dat de regels bepaalt – met alle risico’s van dien – moet je dat als serverbeheerder zelf doen. Mogen er bijvoorbeeld expliciete foto’s gedeeld worden? Hoe zit het met taalgebruik? En wat doe je met nepnieuws? Voor dat moderatiebeleid – en eventuele tools om bijvoorbeeld nepnieuws te detecteren – ben je als oprichter van een server of feed zelf verantwoordelijk.

‘Dat klinkt makkelijker dan het is,’ zegt techjournalist Frank Rensen, die momenteel experimenteert met een eigen custom feed op Bluesky. ‘Ineens realiseer je je dat die bigtechbedrijven, hoeveel er ook mis mee is, ook veel voor je regelen.’ Met andere woorden: het is leuk om zelf aan de knoppen te zitten, maar ook gedoe.

Volgers overtuigen

Ook is de fediverse nog niet zo gebruiksvriendelijk als mainstream sociale media. ‘Gebruikers zijn lastig te vinden,’ noemt Van der Waal als voorbeeld. ‘Je krijgt geen suggesties voor mensen om te volgen. Dat is de keerzijde van het decentrale karakter.’ 

Al zien sommige mensen dat ook weer als voordeel. Als trans persoon in de VS wil je wellicht liever onvindbaar zijn. Maar voor een journalistieke organisatie betekent het dat er werk aan de winkel is. ‘Je lezers, luisteraars of kijkers meenemen in je verhaal. Ze proactief laten weten dat je op de fediverse te vinden bent. En ze overtuigen om ook een account aan te maken.’

Dat is niet makkelijk, want al die technische termen schrikken sommige mensen af, merkt de strategisch directeur van Waag. Mede daarom werkt zijn organisatie momenteel aan een soort tool om mensen makkelijk op weg te helpen in de fediverse. Het advies van Van der Waal aan journalisten die nieuwsgierig zijn, is dan ook simpel. ‘Laat je niet afschrikken, maak een account aan en probeer het uit.’

SVDJ Incubator themabijeenkomst

Kom op 30 oktober naar onze themabijeenkomst voor én door de journalistiek over autonome(re) digitale publieksrelaties

Laurens Hof en Sander van der Waal nemen hun kennis dit jaar mee naar de SVDJ Incubator over digitale autonomie en publieksrelaties. Onder meer journalisten, programmeurs en onderzoekers werkten aan een antwoord op de vraag: hoe kan de journalistiek meer eigenaarschap krijgen over haar digitale publieksrelatie?

Verschillende ideeën en strategieën zijn inmiddels onderzocht en getest in de journalistieke praktijk. Wil je inspiratie opdoen en ontdekken met welke kansen jouw redactie aan de slag kan? Kom dan naar deze SVDJ Incubator themabijeenkomst.

Datum: Vrijdag 30 oktober 2026
Locatie: NEMO Science Museum, Amsterdam
Tijd: 13.00 uur inloop, programma van 13.30 – 17.00 uur met afsluitend een borrel
Toegang is gratis, aanmelden is verplicht.

Ga naar het aanmeldformulier

Nieuwsbrief

Ontvang ons laatste nieuws
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Dit veld is verborgen bij het bekijken van het formulier