Geld verdienen met workshops om een jongerenplatform te kunnen financieren

Michiel Kalverda

TMI zou een nieuwsplatform worden voor jongeren, met inkomsten uit reclames en ‘product placement’. Geld verdienen bleek een stuk lastiger dan gedacht, en daarom richt het team zich nu vooral op het geven van workshops in mediawijsheid en vloggen. Oprichter Michiel Kalverda was ‘heel naïef’, maar geeft de journalistieke site nog niet op.

Een nieuwsplatform voor jongeren, met artikelen en video’s. Met dat idee werd het team van TMI een van de drie winnaars van The Challenge 2016 (inclusief subsidie van 20.000 euro) en winnaar van de Tegel Toekomst Prijs.  Een jaar geleden werd de website TMI.news gelanceerd. Inmiddels is het verdienmodel aangepast, is TMI uitgebreid met TMI.academy en TMI.inc, en zijn er vier (parttime) betaalde werknemers. Aan het eind van de subsidieperiode van het Stimuleringsfonds maken we de balans op met oprichter Michiel Kalverda (23), student journalistiek. Hoe journalistiek is TMI nog en wat zijn de toekomstplannen?

Jullie hebben een veelbewogen jaar gehad.

Ja, dat kan ik bevestigen. We kwamen als winnaar uit The Challenge met het plan om op YouTube inkomsten te halen uit reclames en ‘product placement’. We zouden met jongeren praten om te weten te komen welke onderwerpen ze interessant vinden, dan maakten we daar producties over en zou het allemaal vanzelf lopen. Heel naïef. Op YouTube geld verdienen lukt pas als je tienduizenden views per video hebt.

Als een kip zonder kop begonnen we met video’s maken en artikelen schrijven. Veel studiegenoten van de School voor Journalistiek in Utrecht werkten voor ons, freelance of vrijwillig. Ze hadden heel leuke ideeën, maar consistentie ontbrak en het bezoek op de website bleef zo’n beetje gelijk: 2.000 nieuwe bezoekers per maand.

Wij willen het goede voorbeeld geven aan jongeren. Erg idealistisch, maar heel moeilijk om geld mee te verdienen

Toevallig kwam ik iemand tegen die de Week van de Mediawijsheid organiseerde en ons vroeg om workshops te geven aan jongeren. Toen realiseerde ik me: dit kan een solide verdienmodel zijn.

Inmiddels hebben we vijf verschillende lessen mediawijsheid ontwikkeld, bijvoorbeeld over persvrijheid en fake news. We hebben een pilot gedaan op elf scholen. Nu zijn we in gesprek met scholen in Den Haag, Amsterdam, Utrecht, Zwolle, Tilburg. Bij een aantal is het al zeker dat we de workshops gaan geven, met anderen zijn we nog in onderhandeling.

De video’s en artikelen op jullie site zijn niet heel recent. Hebben jullie de focus verlegd van TMI.news naar de TMI.academy?

De studenten van de School voor Journalistiek werken tijdens de schoolperiode voor ons, dat resulteert nu in komkommertijd. Maar we hebben ook een kleine focusverschuiving gehad. TMI.news levert op zichzelf geen geld op, omdat we besloten hebben het reclamevrij te maken. De opkomst van fake news is in de basis veroorzaakt door adverteerders. Het idee erachter is: als ik een bizar verhaal verzin waar 100.000 mensen op klikken, verdien ik daar heel veel aan.

Wij willen het goede voorbeeld geven aan jongeren. Erg idealistisch, maar heel moeilijk om geld mee te verdienen. De workshops hebben nu prioriteit, omdat we daarmee TMI kunnen financieren. Zodra we genoeg omzet hebben gedraaid is het eerste waarin we gaan investeren een vaste redactie.

Doen jullie ook commerciële klussen?

Ja, we gaan ook vlogworkshops geven aan bedrijven. Daarmee leren we communicatiemedewerkers hoe ze video’s maken.

Conflicteert dat niet met die idealistische visie op journalistiek?

De bedrijven waar wij die workshops geven hebben niks te maken met het nieuws dat we maken. We helpen ze met het maken van video’s voor hun eigen kanaal. Ik vind het een creatieve manier om toch aan inkomsten te komen, zonder dat we in de problemen komen met advertenties of gesponsorde artikelen.

We moeten gewoon doorzetten. Enzo Knol had in z´n eerste jaar ook nog niet eens duizend abonnees

Bestaat er een kans dat jullie je uiteindelijk helemaal op de workshops gaan richten en TMI.news opgeven?

We willen jongeren naast de workshops een journalistieke website laten zien bij wijze van voorbeeld. Bovendien is er internationaal geen nieuwsplatform voor middelbare scholieren, terwijl jongeren wel degelijk willen weten wat in de wereld speelt. Zo is het idee voor TMI.news ontstaan. Dat ga ik niet aan de kant schuiven omdat het op korte termijn geen vetpot is. Daarvoor ben ik te veel een idealist.

Je zegt dat de behoefte er is, maar toch haalden jullie gestelde doelen voor aantal views en volgers niet. Hoe verklaar je dat?

Er zijn zo veel kanalen dat jongeren ons nog niet hebben kunnen vinden. Tot 10.000 abonnees is het gewoon heel lastig om ertussen te komen.

Hoe breek je door die grens heen, behalve door meer consistentie te creëren met een vaste redactie?

Tja, als ik het had geweten hadden we het gedaan. Onze best bekeken video was een grotere productie, gemaakt in India. Grote vloggers op YouTube maken video’s van een kwartier en iedereen kijkt die uit. We hebben besloten meer in te zetten op grotere producties met achtergronden en langere verhalen, die dusdanig interessant zijn dat mensen blijven kijken.

We moeten gewoon doorzetten, dan komen we er vanzelf. Enzo Knol had in z’n eerste jaar ook nog niet eens duizend abonnees. Met z’n 78e vlog is hij pas doorgebroken, geloof ik.

Wanneer kunnen we jullie doorbraak verwachten?

Ik heb geen harde deadline, want die heb ik al vaker gesteld en dan stoot ik m’n hoofd. Er ligt nu een solide businessmodel met de workshops. Daarmee staan we ook nog eens in direct contact met onze doelgroep. Hoe meer workshops we geven, hoe eerder TMI.news kwalitatief vooruitgaat. En ik wil eerst minimaal een jaar met een vast team op onze redactie werken voordat ik me achter de oren ga krabben.

 

Deel dit artikel:

Over Jolanda van de Beld

Jolanda van de Beld studeerde Nederlands, Politicologie en Journalistiek & Media aan de Universiteit van Amsterdam. Ze werkt als freelance journalist, met name voor NRC, en houdt zich veel bezig met de nieuwe mogelijkheden van online journalistiek.

Reageer