Wat The Washington Post leerde van experimenten met slimme speakers

slimme speakers alexa

Slimme speakers bieden een nieuwe manier om media te consumeren. Welke rol kunnen nieuwsmedia spelen in die nieuwe omgeving?

joseph-priceAl circa 39 miljoen Amerikanen hebben een slimme speaker in de huiskamer staan, en het duurt niet lang meer voordat we ook in Nederland massaal gaan praten met praatpalen, die draaien op Amazon Alexa, Google Assistant en Apple’s Siri. De slimme speakers zijn nu nog niet makkelijk verkrijgbaar in Nederland en bieden ook geen ondersteuning voor de Nederlandse taal, maar dat gaat dit jaar nog veranderen. Amazon verkoopt sinds december de slimme speaker Echo (die Engels en Duits spreekt) in Nederland, en Google kondigt aan later dit jaar slimme speakers te gaan verkopen die Nederlands kunnen verstaan en spreken.

De spraakassistenten worden wel gezien als de derde grote innovatie op interfacegebied. Na klikken op onze computer en swipen op onze smartphone gaan we nu praten tegen apparaten om de wekker te zetten of het laatste nieuws te krijgen.

Hoe moeten media hierop inspelen? The Washington Post experimenteert al een paar jaar met de door kunstmatige intelligentie gedreven systemen. Vooral op het Alexa-platform is de Amerikaanse krant actief. De krant ontwikkelt daarnaast ook applicaties voor Siri en Google Assistant, al zijn die platformen meer gesloten, waardoor er minder mogelijk is.

Aan het afwassen en het laatste nieuws horen? Met een slimme speaker kun je The Washington Post vragen om een door een van de redacteuren ingesproken nieuwsbulletin. Of je laat een steeds natuurlijker klinkende robotstem het laatste nieuws van de website van de Amerikaanse krant lezen.

Joseph Price is bij The Washington Post als senior product manager verantwoordelijk voor het verspreiden van journalistieke verhalen via nieuwe kanalen als Alexa en Google Home. In een Skype-gesprek deelt hij de lessen die zijn krant tot nu toe heeft geleerd.

1. Het gros van de gebruikers voegt geen apps toe

The Washington Post biedt op Alexa drie functionaliteiten. Gebruikers kunnen Alexa vragen om de laatste headlines voor te lezen (via Polly, een service van Amazon die tekst in foutloos, maar ook wat zouteloos, Engels kan voorlezen). Gebruikers kunnen daarnaast met een spraakcommando een podcast van The Washington Post starten. Tot slot kunnen ze breaking news-notificaties van de Post aanzetten. Bij een notificatie rinkelt de Echo-speaker en licht-ie op. Met het commando ‘Alexa, what did I miss?’ kunnen gebruikers het nieuwsfragment starten.

Om deze diensten te gebruiken, moeten gebruikers een skill activeren in de Amazon Alexa Skills Store. En daar zit momenteel de grootste uitdaging, zegt Price. ‘Slechts een klein deel van de gebruikers voegt überhaupt skills toe. Het gros van de gebruikers gebruikt alleen de ingebakken functionaliteiten van Alexa, zoals het zetten van een wekker of het afspelen van muziek.’

Ook keren gebruikers nauwelijks terug. Analyticsbureau Voice Labs berekende in het najaar dat maar 3 procent van de gebruikers een skill in de tweede week na installatie nog gebruikte. Gebruikers lijken de nieuwe skills direct na installatie te vergeten.

2. De gebruiker bepaalt zelf wat en wanneer

Smartphone-applicaties hebben met geluiden, kleurrijke icoontjes en pushmeldingen diverse mogelijkheden om zich op te dringen aan de gebruiker. Vergeleken daarbij is de slimme speaker een baken van rust. Ja, je kunt kiezen voor notificaties, maar verder is het een weinig kleurrijk apparaat dat je makkelijk over het hoofd ziet. Je denkt er pas aan als je het nodig hebt.

‘Je kunt het ambient computing noemen’, zegt Price. ‘Dat is technologie die overal om je heen is, maar niet in de weg zit. Pas als ik “Hey Google, give me the news” zeg gebeurt er wat. Dat het zich niet opdringt, heeft iets moois. We worden daardoor minder afgeleid door technologie.’

Voor nieuwsorganisaties roept het wel een vraag op. ‘Hoe breng je nieuws in een interface waarin de gebruiker zelf de opdracht moet geven? Dat is de puzzel die we nu proberen op te lossen. Het gevaar is namelijk dat je vergeten wordt.’

Bij de nieuwe lichting apparaten die eraan komt, slimme beeldschermen zoals Google Smart Display en de Echo Show, is die puzzel volgens Price weer anders. ‘Daarmee kun je wél de aandacht van gebruikers vangen, bijvoorbeeld door het homescherm te gebruiken.’

3. Niet alles is een eigen app waard

In 2016 lanceerde de krant twee skills die bij nader inzien niet zoveel toevoegden. Eén over de Olympische Spelen en de andere over de Amerikaanse verkiezingen. Gebruikers konden met de skills allerlei vragen stellen aan Alexa, zoals: wie heeft er bij de vorige Spelen medailles gewonnen? Maar al snel kon Alexa die informatie zelf oplepelen aan gebruikers, zonder skill van The Washington Post. De les: Wikipedia-achtige informatie is niet onderscheidend genoeg.

Ook een ander experiment van The Washington Post, een wekelijkse nieuwsquiz, gaat de ijskast in. Maar dan om andere redenen. ‘Je zou zo’n quiz eigenlijk dagelijks moeten aanbieden. Dan pas kom je in het ritme van de gebruiker. Maar zo’n dagelijkse quiz, daar zit veel redactioneel werk in.’

Price moedigt Nederlandse nieuwsredacties aan om veel te experimenteren met applicaties voor slimme speakers. ‘Doe dat. Maar experimenteer goedkoop en snel, omdat het platform op dit moment nog niet veel oplevert.’

4. De ideale lengte van een podcast is 3 tot 5 minuten

Bijna elke Nederlandse nieuwsorganisatie heeft anno 2018 een eigen podcast, NU.nl en BNR/FD hebben zelfs een dagelijkse. Daarnaast zijn Blendle en Vrij Nederland begonnen met het aanbieden van voorgelezen artikelen in audiovorm. Het aanbod van audiojournalistiek is groeiende.

Price: ‘Het is een goede eerste stap om je podcastaanbod zo breed mogelijk beschikbaar te maken op slimme speakers. Maar eigenlijk moet je voor spraakplatformen uitzendingen maken die korter zijn dan hoe podcasts nu zijn. Uit onderzoek van NPR blijkt dat de lengte van een traditioneel radiobulletin, 3 tot 5 minuten, het beste werkt. Langere afleveringen minder, omdat je niet gemakkelijk kunt scrollen, pauzeren of later verder luisteren.’

Price’ laatste advies: kies een onderscheidende podcastnaam. ‘Slimme speakers zijn snel in de war als je vraagt om iets af te spelen. Kies een naam die makkelijk uit te spreken is, herkenbaar is, maar niet dubbelt met de titel van een andere podcast, een radioshow of een liedje.’

Over Ernst-Jan Hamel

Ernst-Jan Hamel is freelance journalist en docent aan de School voor Journalistiek in Utrecht.

Reageer

Geef een reactie

*