Wat doet het AI-gebruik van redacties met het vertrouwen in de journalistiek?
Nieuws | Innovatie
Of het nu gaat om het maken van een pakkende kop of een grootschalige data-analyse: journalisten gebruiken meer en meer AI in hun werk. Hoe kijkt het publiek naar die inzet van kunstmatige intelligentie, en welke invloed heeft het op hun vertrouwen in de journalistiek? Mijke Slot, docent en onderzoeker Media en Communicatie aan de Erasmus Universiteit, deelt de eerste resultaten van haar onderzoek.
Meer dan de helft van de journalisten in Nederland en België gebruikt generatieve AI in hun werk. Dat blijkt uit recent onderzoek van de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Gent. Hoewel AI journalistiek werk kan ondersteunen, bijvoorbeeld door koppen te maken, informatie te ordenen en teksten tegen te lezen, kent AI-gebruik ook veel risico’s. Dat bleek bijvoorbeeld toen persbureau ANP onlangs ontdekte dat meer dan duizend foto’s vermoedelijk waren gemaakt met behulp van AI. Intussen was een van die foto’s al in de krant beland.
‘Er wordt ontzettend veel onderzoek gedaan naar AI en journalistiek: waar kunnen we het voor gebruiken, en wat zijn de ethische overwegingen en juridische kaders?’, vertelt onderzoeker Mijke Slot. ‘Maar uiteindelijk maak je als journalist producten voor een publiek. En die vinden daar wat van.’ Ze doet onderzoek naar de manier waarop het publiek kijkt naar journalistiek AI-gebruik en wat dit doet met hun vertrouwen. Het onderzoek wordt gefinancierd uit de subsidieregeling Onderzoek naar de journalistieke praktijk van het SVDJ. De onderzoekers lanceerde onlangs de podcastserie Prompt: Vertrouwen over hun bevindingen.

Jongeren kritischer op AI-gebruik
Voor dit onderzoek sprak het team, dat door Slot wordt gecoördineerd, met diverse focusgroepen. Om te beginnen zijn mensen behoorlijk kritisch op de journalistiek, vertelt Slot: ‘Mensen hebben het idee dat journalisten een selectief beeld van de werkelijkheid geven. Dat ze je niet alles laten zien maar bepaalde keuzes maken.’ Ook hoorde het team veel terug dat nieuwsorganisaties een agenda zouden hebben.
Dit beeld strookt met cijfers van Reuters: het vertrouwen in nieuws in Nederland bereikte onlangs het laagste punt sinds 2018. Volgens Slot is de kans reëel dat vertrouwen verder daalt doordat mensen kritisch zijn op het gebruik van AI in de journalistiek.
Een lichtpuntje is volgens de onderzoeker dat mensen altijd wel een paar nieuwsbronnen vertrouwen. ‘De NOS werd bijvoorbeeld vaak genoemd. Als die nieuwsorganisaties AI zouden gebruiken, durven mensen er ook op te vertrouwen dat dit op een goede manier gebeurt.’
De focusgroepen werden verdeeld naar leeftijd: van 18 tot 34 jaar, 35 tot 55 jaar en 55-plussers. Zijn er grote verschillen tussen de generaties? ‘Je ziet vooral dat jonge mensen het nieuws anders consumeren, maar de basisprincipes voor betrouwbaar nieuws zijn in alle groepen hetzelfde’, zegt Slot. In jongere focusgroepen, die toch al een lager vertrouwen in het nieuws hebben, zijn mensen wel iets kritischer op AI-gebruik. Volgens collega-onderzoeker Tess Hendriks heeft dit waarschijnlijk te maken met het feit dat zij meer ervaring met AI hebben, en dus ook meer kennis van de risico’s, zo vertelt zij in de podcast over het onderzoek.
‘Mensen willen geen opgeleukte werkelijkheid’
Deelnemers werd gevraagd voorbeelden van AI-gebruik in het nieuws op een spectrum te plaatsen: van acceptabel naar onacceptabel. Over toepassingen waarbij AI als assistent wordt ingezet, zoals informatie doorzoeken, een tekst verbeteren of een kop verzinnen, zijn deelnemers over het algemeen positief. Niet acceptabel vinden ze het wanneer AI zelfstandig aanpassingen of toevoegingen doet aan een stuk, zegt Slot, vanwege de mogelijkheid dat er dan misinformatie in komt: ‘Ze willen dat er iemand is die het controleert.’ Dit principe noem je ook wel human in the loop.
Personalisatie: niet oké
Ook bij toepassingen die interessant zouden kunnen zijn voor het publiek, zoals personalisatie van het nieuwsaanbod, reageren mensen wantrouwend. Slot: ‘We hadden een voorbeeld waarbij AI op basis van jouw gegevens extra informatie toevoegt aan een artikel of het leesniveau aanpast. Dat vindt het gros van de mensen écht niet oke.’
Op het gebied van nieuws hebben deelnemers geen behoefte aan personalisatie zoals op sociale media, legt Slot uit: ‘Ze willen geen opgeleukte werkelijkheid. Mensen zijn juist op zoek naar een gedeelde realiteit in het nieuws.’ Volgens Slot zien deelnemers liever artikelen voorbijkomen waar zij minder in geïnteresseerd zijn, om vervolgens zelf te kiezen wat zij wel en niet lezen.
Mediamakers willen experimenteren
De negatieve houding tegenover personalisatie is opvallend. Er wordt namelijk volop geëxperimenteerd met AI voor personalisatie in de media. In hetzelfde rapport van Reuters zegt een meerderheid van de mediamakers te willen experimenteren met tekst-naar-audio (75 procent), samenvattingen (70 procent) en geïntegreerde AI-chatbots (56 procent).
Hoe kijkt het publiek volgens Slot naar deze toepassingen? ‘Mensen willen vooral zelf kunnen kiezen, dus ik kan me voorstellen dat zij niets tegen zo’n chatbot hebben. Ze zien wel minder snel de toegevoegde waarde van dit soort functies dan mediamakers.’ Over bestaande artikelen omzetten naar iets anders met AI, zoals een sociale media-post, zijn deelnemers aan het onderzoek neutraal. Maar ook hier geldt volgens Slot: zolang er maar controle op is.
Transparantieparadox
Hoe kunnen journalisten AI toepassen op een manier die het vertrouwen niet verder schaadt? Slots belangrijkste advies is: wees transparant. ‘Neem mensen mee in de manieren waarop je AI gebruikt, welke tools wel en niet en waarvoor.’ Fouten maken is volgens de onderzoeker niet erg. Ze noemt de casus rond persbureau ANP als voorbeeld: ‘Er was openheid en aan de misser heeft het ANP consequenties verbonden. Dat versterkt bij het publiek het vertrouwen dat er verantwoordelijkheid wordt genomen, ook al is er een fout gemaakt.’
Wat vooral voor vertrouwen zorgt, zegt Slot, is als journalisten hun emoties laten zien: ‘Deelnemers zeggen bijvoorbeeld: ik kijk graag naar Eva Jinek, omdat ik kan zien hoe zij zich opstelt. Ook al ben ik het niet altijd met haar eens, hierdoor kan ik inschatten dat zij authentiek is.’ Wees dus ook niet bang om emotie te tonen, adviseert Slot journalisten: ‘Het publiek is zich ervan bewust dat journalistiek niet neutraal is en wil vooral dat journalisten open zijn over hoe ze ergens over denken.’ Dat is overigens ook iets dat hen in positieve zin onderscheidt van AI, zegt Slot.
De onderzoeker waarschuwt wel voor de zogenaamde ‘transparantieparadox’: ‘Mensen verlangen naar openheid over AI-gebruik. Maar als je boven een stuk zet dat er AI is gebruikt, vertrouwen mensen je werk direct veel minder.’ Volgens Slot kunnen media beter een helder AI-beleid op hun website zetten.
Op de hoogte blijven van het onderzoek? In de driedelige podcastserie Prompt: Vertrouwen delen de onderzoekers hun laatste inzichten.
Wil je meedenken over manieren waarop de journalistiek met AI kan omgaan, die het vertrouwen van het publiek waarborgen? Komende maand organiseert het onderzoeksteam design thinking-sessies voor journalisten en redactieleden. Je kan je hier inschrijven.

