Zelf multimediale producties maken met Fairytale

journeyy-team

Zonder tussenkomst van softwareontwikkelaars of ontwerpers een multimediaal verhaal maken, dat moet straks voor elke journalist mogelijk worden. De initiatiefnemers van Journeyy werken aan Fairytale, een productietool voor digitale storytelling, met subsidie van het Stimuleringsfonds. “Ik hoop dat dit budget een kickstart is voor een serieus bedrijf.”

Een achtergrond in de journalistiek heeft hij niet. “Of het moet het weekblad voor familie en vrienden zijn waar ik op mijn zevende hoofdredacteur van was.”  Toch is Wouter Vroege (28) bezig met het opzetten van een journalistieke start-up: Fairytale, een productietool voor digitale storytelling. Met Fairytale kunnen professionele verhalenmakers, zonder tussenkomst van softwareontwikkelaars of ontwerpers, multimediale producties maken en publiceren.

“Het wordt een online platform waarop je kunt inloggen met een account. Daar kun je als verhalenmaker snel en makkelijk een multimediaal verhaal in elkaar knutselen”, legt Vroege uit. Het eindproduct is een embedcode. Journalisten of andere gebruikers kunnen hun verhaal vervolgens via een eigen kanaal delen.

Multimediaal voor mobiel

Het idee komt voort uit het eerdere project Journeyy. Daarmee won Vroege samen met zijn drie collega’s de Challenge in 2015. “Met Journeyy wilden we van het journalistieke proces een product maken. Een online multimediaal dagboek, mee op reis met de journalist. We ontwikkelden software voor het format waarin we dat voor ons zagen.” Uit verschillende hoeken kwam interesse voor die software, los van de redactionele vorm. De bedenkers willen deze software nu doorontwikkelen. Daarom vroegen ze opnieuw subsidie aan, die ze toegezegd kregen.

Er bestaan al formats voor het maken van multimediale verhalen, maar die zijn volgens Vroege niet geschikt voor mobiele telefoons. Hun eerste businessplan is daarom aangescherpt . “Er zijn veel multimediale journalistieke producties die prachtig zijn te bekijken op een groot scherm, maar zodra je je telefoon pakt is daar niets meer van over. En dat terwijl 50 procent van ons internetgebruik mobiel is. Dagelijks zitten in Nederland alleen al een miljoen mensen gemiddeld een halfuur in de trein. Dat is een enorm potentieel waarvoor wij content willen laten publiceren.”

Voor wie?

Met het idee willen de makers aansluiten bij verschillende markten. “We richten ons op professionele storytellers: journalisten, zelfstandig of werkend bij een mediaorganisatie, maar ook commerciële partijen. Een creatieve marketingclub voor branded content bijvoorbeeld.” De aard van de verhalen mag dan anders zijn, de behoefte aan de tool is hetzelfde, denkt Vroege.

Naar die behoefte deed het team onderzoek, voorafgaand aan de subsidieaanvraag. Ze merkten dat er interesse is, maar dat afhankelijkheid van een derde partij soms eng wordt gevonden.

We horen vaak dat grote mediaorganisaties multimediaal veel zelf kunnen. In de praktijk worden ze geleefd door deadlines

“In gesprekken met grote mediaorganisaties horen we vaak als eerste dat ze multimediaal veel zelf kunnen. In theorie is dat misschien waar, maar in de praktijk worden die organisaties geleefd door deadlines. Er is nauwelijks tijd voor het ontwikkelen van digitale formats. Externe tools zijn daarom wel degelijk interessant. Kleine organisaties zijn over het algemeen gelijk veel enthousiaster.”

Serieel karakter

Ook verdiepten de ontwikkelaars zich in de behoefte van lezers. Willen mensen op hun telefoon tijdens een treinreis niet alleen korte nieuwsberichten lezen of door hun tijdlijn op Facebook scrollen?

“Wij denken van niet, maar dat moeten we uitvinden. We hebben gekeken naar verschillende lijstjes van wat mensen doen op hun telefoon als ze bijvoorbeeld in de trein zitten. Dan kom je op games, social media, infotainment en nieuws. En we hebben onszelf de vraag gesteld: wat karakteriseert die bezigheden? Zo zagen we een serieel karakter. Games bestaan uit verschillende levels, dat werkt verslavend.”

Aan het scherm gekluisterd

Dat psychologische aspect is interessant, vindt Vroege. “Kijk ook naar de aantrekkingskracht van televisieseries, Netflix of de podcast ‘Serial’. Mensen zijn ergens door gefascineerd, aan hun scherm gekluisterd. Het is iets wat je elk moment weer op kunt pakken en mee verder kunt gaan. Als we die componenten kunnen toevoegen aan multimediale journalistieke producties denk ik dat we een grote groep mensen kunnen bereiken.”

Vandaar dat Fairytale ook speciaal geschikt wordt voor series: verhalen die bestaan uit verschillende episodes. Belangrijk daarbij is dat de software zal onthouden waar de lezer gebleven is. Zo hoef je niet telkens opnieuw alles door te scrollen, zoals nu vaak het geval is. Als voorbeelden noemt Vroege ‘Firestorm’ van The Guardian en ‘Snowfall’ van The New York Times – onderhand klassiekers-, maar ook ‘Refugee Republic’ van de Volkskrant.  “Heel lullig”, vindt Vroege. “Zo’n verhaal moet je dan eigenlijk in één keer helemaal lezen. Dat doen mensen dus niet.” Met Fairytale willen ze dat technische probleem oplossen.

Kickstart

In januari gaat het team van start met het subsidiegeld. Eerst nog meer onderzoek doen, aannames valideren, nadenken over het ontwerp. Vervolgens is het “bouwen, bouwen, bouwen.” Vroege: “Vorig jaar werkten we fragmentarisch, tussendoor deden we andere dingen omdat we ook geld moesten verdienen. Dan ebde de energie voor het project weg. Ik hoop dat dit grotere budget echt een kickstart is voor een serieus bedrijf. We moeten nu doorzetten.”

Deel dit artikel:

Over Jolanda van de Beld

Jolanda van de Beld studeerde Nederlands, Politicologie en Journalistiek & Media aan de Universiteit van Amsterdam. Ze werkt als freelance journalist, met name voor NRC, en houdt zich veel bezig met de nieuwe mogelijkheden van online journalistiek.

Reageer