Nieuws

Karlijn Goossen: ‘We moeten meer investeren in leren’

Nieuws | De Voorspellers

Karlijn Goossen (38) is freelance onderzoeker en journalist en werkzaam als senior docent aan de School voor Journalistiek in Ede. Ze zou komend jaar graag zien dat er op redacties meer ruimte wordt gemaakt om te leren. Ook voor freelancers moet daar iets op bedacht worden, vindt ze: zij moeten immers ook kunnen groeien als professional.

‘Ik hoop dat 2021 het jaar wordt van lerend vermogen en zelfreflectie in de journalistiek. Het belang daarvan geldt natuurlijk niet alleen voor ons vak, maar onze professie staat op dit moment wel sterk onder druk. Er zijn verschillende crises die ons vakgebied raken. Denk aan maatschappelijke thema’s zoals diversiteit, inclusiviteit, post-waarheid, flexibele arbeid. We moeten ons bewijzen en ontwikkelen, vandaar de noodzaak om te investeren in ons lerend vermogen.

Structurele verandering

Lerend vermogen is niet het vermogen op korte termijn kleine veranderingen door te voeren. Daar gaat innovatie nu vaak wel over: het gebruik van nieuwe tools, een nieuwe techniek, het aanspreken van een nieuwe doelgroep. En levert het geen resultaat op? Dan proberen we weer iets anders. In mijn ogen gaat innovatie juist om diepgaande structurele veranderingen.

Kijk bijvoorbeeld naar een onderwerp als diversiteit en wat daarmee gebeurt op redacties. Er zijn allerlei soorten trainingen te volgen, voldoende boeken over geschreven, debatavonden georganiseerd. Maar zorgt dat ervoor dat de journalistiek dingen anders doet? Nee, zou mijn analyse zijn. Om echt te veranderen, moeten mediaorganisaties een mindset creëren waardoor journalisten voortdurend openstaan voor nieuwe inzichten en meningen, gevoelig zijn voor ontwikkelingen in de omgeving en nadenken wat ze daarmee kunnen of moeten doen. Intrinsieke motivatie om te onderzoeken en te leren, dat wil je faciliteren en ontwikkelen.

De tijd nemen voor leren

Als onderwijskundige weet ik dat bedrijven moeten nadenken over hoe je leren binnen de organisatie vormgeeft. Dat is niet superingewikkeld, maar je moet er wel mensen voor vrijmaken. Nu zijn het eindredacteuren en managers die dat erbij doen. Maar er moeten structureel mensen zijn die zich bezighouden met de vraag: wat hebben deze journalisten nodig om ruimte te voelen om nieuwe dingen te bedenken? Wat zijn hun aarzelingen? Ook redacteuren die al jaren op dezelfde plek zitten zijn heus ergens enthousiast voor te krijgen. Je moet er alleen wel de tijd voor nemen om te horen wat dat is.

In de journalistiek hebben we de afgelopen jaren wel gezien dat ‘legacy-organisaties’ heel taai zijn als het gaat om innoveren. Waarom zien we zoveel journalistieke startups? Omdat jonge mensen vol ideeën binnen de gevestigde mediaorganisaties weinig ruimte voelen om iets te veranderen. Ze beginnen een startup zodat ze het allemaal zelf kunnen bedenken en bepalen. Dat is zonde. Het zou veel mooier zijn als de omroepen of kranten plekken zouden zijn waar nieuwe ideeën voortdurend gevoed en aangejaagd werden. Neem bijvoorbeeld Omroep Zwart. Een heel terecht en tof initiatief, maar precies datgene wat eigenlijk binnen bestaande mediaorganisaties zou moeten gebeuren.

Klankbord voor zzp’ers

Een interessante vraag is ook: wiens verantwoordelijkheid is de professionalisering van freelancers? Zij moeten het nu allemaal zelf doen: nieuwe technieken aanleren, sociale media beheren, een unconscious bias-training volgen, camjo zijn. Die zelfontwikkeling vraagt veel van een freelancer, zowel praktisch als financieel. En het aanbod van cursussen en mentorprogramma’s is ook niet eindeloos. Ik vind het dus belangrijk dat we nadenken hoe we meer structureel een klankbord kunnen creëren voor zzp’ers in de journalistiek. Zodat je kunt groeien als professional, ook als je niet op een redactie werkt. Ik zou zoiets dolgraag helpen opzetten, maar er is wel een partij nodig die daarvoor geld beschikbaar stelt.’

10 december 2020
620 woorden 3 min. lezen
Tag(s): diversiteit, freelancers, leren, zelfreflectie