Drawing the Times: de gevoelswaarde van tekeningen inzetten voor actualiteit

Drawing the Times moest een platform voor graphic journalists worden, waar zij op kunnen publiceren en hun netwerk kunnen uitbreiden. Het platform staat er, vertelt oprichter Eva Hilhorst, maar de naamsbekendheid is werk in uitvoering. ‘We noemen de publicaties gewoon artikelen, om te benadrukken dat het journalistiek is.’

“We willen verhalen publiceren die ingaan op de actualiteit,” vertelt Eva Hilhorst, “in de vorm van strips, animaties, infographics en cartoons.” Samen met Mara Joustra heeft Hilhorst daarom anderhalf jaar geleden het platform Drawing the Times opgericht, met behulp van een innovatie-subsidie van € 23.336. Inmiddels verschijnt er één groot verhaal per week op het Engelstalige platform en hebben Hilhorst en Joustra plannen voor samenwerkingsverbanden met media en niet-gouvernementele organisaties.

Tijdrovend vak

Inspelen op de actualiteit is dan wel het doel, maar de realiteit is dat getekende journalistiek, of graphic journalism, een tijdrovend vak is. Hilhorst: “Het is niet zo dat we een bijpassend verhaal kunnen publiceren zodra er nieuws uitkomt.” Daar is het medium te traag voor, vertelt Hilhorst. Een getekend verhaal, zoals Gianluca Costantini’s verhaal over het zikavirus, kost vaak enkele weken om te maken. “Er zijn ook graphic journalists die snel tekenen en aan de hand van – bijvoorbeeld – een reportage van een demonstratie een nieuwsverhaal maken.”

Je zult echter niet snel een graphic journalist bij een demonstratie tegenkomen, simpelweg omdat er niet veel van zijn in Nederland. Dat heeft deels te maken met het feit dat iemand zichzelf doorgaans geen graphic journalist noemt, vertelt Hilhorst. “Het is waarschijnlijker dat die persoon zichzelf als tekenaar of illustrator ziet en daarnaast aan graphic journalism doet. Cartoonisten zijn er wel veel, maar die geven altijd een opinie.” Een voorzichtige schatting brengt Hilhorst op tien graphic journalists in Nederland.

lancering DtT

Hilhorst en medeoprichter Joustra hebben er bewust voor gekozen om een Engelstalig platform op te richten: een Nederlands platform zou een niche binnen een niche zijn. “Engels is toch een beetje de taal van het internet. Ik vind het ook erg fijn om verhalen wereldwijd te kunnen publiceren. En je kunt mensen op verschillende plekken aan het werk zetten.”

Persoonlijk handschrift

Met tekeningen kun je mensen op een andere manier interesseren voor onderwerpen en een verhaal op een persoonlijke manier vertellen, denkt Hilhorst. “Ik ben ervan overtuigd dat graphic journalism een plekje verdient tussen de andere vormen van journalistiek. Juist omdat het de lezer binnen de nieuwsstroom persoonlijk kan raken, op een manier die fijn leest.”

“Het vooroordeel tegen graphic journalism is dat het een subjectieve manier van journalistiek is”, vervolgt Hilhorst. Maar dat is volgens haar niet méér het geval dan bij geschreven journalistiek: een tekenaar zet een bepaalde tekenstijl in, net zoals een schrijver dat met een schrijfstijl doet. Hilhorst: “Als lezer moet je er wel voor openstaan dat je het persoonlijke handschrift van de tekenaar meekrijgt. Ik ben zelf bijvoorbeeld niet erg goed in het tekenen van details. Ik werk liever met gezichtsuitdrukkingen, zo kun je emotie verwerken. Een heel menselijk verhaal over vluchtelingen moet je niet op een gortdroge manier tekenen, dan valt er iets weg.”

Op de boterham van tekenaars zit geen dikke laag beleg

Hilhorst en Joustra zoeken actief naar samenwerkingsverbanden met media en ngo’s om de verhalen breder te verspreiden dan alleen via het bestaande platform. Voorbeelden zijn de Stripdagen Haarlem, waar Drawing the Times een expositie voor maakt samen met tijdschrift LOVER. Samenwerken met ngo’s kan ook de kosten drukken, maar desondanks heeft Hilhorst geen illusies: “Het is geen kaskraker en daarvoor heb ik het ook niet bedacht. Maar als we elke week een verhaal kunnen blijven publiceren, mensen aan het werk kunnen zetten, ons netwerk blijven uitbreiden, denk ik dat het platform kan blijven bestaan.”

En hoe zit het dan met de boterham van de tekenaars? “Daar zit geen dikke laag beleg op”, geeft Hilhorst toe. Een tekenaar krijgt voor een groot verhaal 500 euro, maar daar is hij of zij minimaal een week mee bezig. Hilhorst: “Het is niet makkelijk om je geld te verdienen als illustrator met publicaties in kranten en tijdschriften. Ik denk dat veel graphic journalists er iets bij doen: lesgeven, workshops organiseren, getekende verslagen tijdens bestuursvergaderingen – meer commerciële opdrachten dus.”

De winkel zichtbaar maken

Hilhorst denkt dat zij nu vooral moet gaan werken aan de naamsbekendheid van het platform. De samenwerkingsverbanden kunnen daar bij helpen, naast de reguliere promotie-kanalen. Hilhorst: “Bij elk verhaal dat we samen met een andere partij publiceren, krijgen we de doelgroep van die partij erbij. Op die manier hopen we dat mensen terug gaan komen naar Drawing the Times.” Als voorbeeld noemt Hilhorst het verhaal van Merel Barends over zelfmoord, wat in eerste instantie in het Nederlands gepubliceerd is op Mindshakes. “Dat verhaal hebben we vertaald en op Drawing the Times gezet en verspreid via Twitter. Organisaties die te maken hebben met zelfmoordpreventie retweetten dat weer.”

Hilhorst hoopt dat de tekenaars zo aan nieuwe opdrachten kunnen komen. “Er is een duidelijke trend van visualisering zichtbaar,” vervolgt Hilhorst, “niet alleen in de media, maar bijvoorbeeld ook bij voorlichtingscampagnes. Tekeningen hebben een bepaalde gevoelswaarde, dat is een bijzondere kwaliteit die goed ingezet kan worden, zeker bij gevoelige onderwerpen.”

 

Foto: Eva Hilhorst bij de lancering van Drawing the Times, door Maarten van Enkhuizen

Over Sean van der Steen

Sean van der Steen is videoredacteur bij Universiteit Leiden en daarnaast freelance journalist en fotograaf. Ook werkt hij aan fotoprojecten rond de thema’s China/Afrika-relaties, landroof en biobrandstoffen.

Reageer

Geef een reactie

*