Nieuws | Onderzoeksjournalistiek

Onderzoek doen over grenzen heen: dat klinkt als samenwerken met journalisten uit het buitenland, maar het kan óók met vakgenoten uit andere regio’s. De Duits-Deense Brigitte Alfter gelooft er heilig in. Als directeur van Arena for Journalism in Europe zet ze zich in voor meer samenwerking in de journalistiek. Niet alleen omdat het leuk is, maar vooral omdat een verhaal dat in meerdere regio’s gebracht wordt, meer impact heeft. ‘De grootste stap is je collega’s niet langer zien als concurrenten.’

Samen onderzoek doen met collega-journalisten uit een ander land: het gebeurt steeds meer. De Duits-Deense journalist Brigitte Alfter heeft er ervaring mee en schreef het boek Cross-border collaboration – A step-by-step guide. ‘Ik kreeg veel vragen van journalisten over de praktijk van crossbordersamenwerking, dus ik dacht: ik schrijf een boek. Dan laten ze me vast met rust en kan ik weer focussen op journalistiek.’ Maar dat ging niet helemaal op. Inmiddels is ze directeur van Arena for Journalism in Europe, een organisatie ter bevordering van samenwerkingen.

In mei en juni is Alfter in Nederland, voor een tweedelig seminar en voor het evenement Cross-border werken in Nederland op 29 juni. Tijdens de seminars probeert ze met de deelnemers uit te zoeken hoe de lessen en methoden van cross-border collaboration in de journalistiek toe te passen zijn op grenzen binnen Nederland.

Meer impact

Waarom denk je dat die methode ook bruikbaar is binnen een land, over de grenzen van verschillende regio’s?

‘Cross-bordersamenwerking betekent een groter onderzoeksteam, meer mankracht, meer competenties. Het levert publicaties op in media in verschillende landen. Daarnaast vergroot het in sommige gevallen de veiligheid van journalisten. Als we op hetzelfde moment publiceren in veel verschillende media staan we sterker. Ik denk dat veel van deze argumenten ook gelden op nationaal niveau.

Een belangrijk onderdeel van het redactieproces in cross-borderteams is het overboord zetten van vooroordelen

Het is in het belang van journalisten en uitgevers om gehoord te worden. Of we nou tijd steken in onderzoek naar scholen, ouderenzorg, infrastructuur of wat dan ook, we willen dat de wereld verbetert na publicatie. Als ik alleen mijn eigen kleine lokale school onderzoek, levert het weliswaar een goed verhaal op, maar het is ook snel weer vergeten. Als we lokale scholen door heel het land onderzoeken en laten zien dat de verantwoordelijkheid voor de problemen op nationaal niveau ligt, heeft dat wél voldoende impact om de politieke agenda te beïnvloeden.’

Vooroordelen overboord

Digitalisering heeft ervoor gezorgd dat het bereik van media veel groter is. In feite kan iedereen alle media wereldwijd lezen. Wat is de toegevoegde waarde van journalistiek die tot stand is gekomen door cross-bordersamenwerking?

‘Een belangrijk onderdeel van het redactieproces in cross-borderteams is het overboord zetten van vooroordelen. Mijn favoriete voorbeeld is de samenwerking tussen Griekse en Duitse journalisten tijdens de eurocrisis. Destijds werden in Duitsland de Grieken neergezet als luie mensen en in Griekenland werden de Duitsers afgeschilderd als nazi’s – om het even simpel te zeggen.

Een Duits-Grieks team van journalisten discussieerde uren over hoe ze moesten schrijven over de eurocrisis. In feite factcheckten ze elkaars vooroordelen en achterhaalden ze wat de werkelijke onderliggende economische cijfers waren. Dit proces staat in dienst van de lezer: unbiasing van het nieuws, het overstijgen van vooroordelen. En ja, sommige cross-borderteams worstelen ontzettend en sommige falen. Maar als het slaagt, is het resultaat een sterker verhaal.’

Naast vooroordelen kunnen binnen een team ook verschillende opvattingen bestaan over journalistieke werkwijze of ethiek. Heb je dat zelf weleens meegemaakt en hoe loste je dat op?

‘Ook dat moet je bespreken. Praten, praten, praten. Ik deed eens in een Deens-Duits-Vlaams team onderzoek naar de farmaceutische lobby in Brussel. We hadden afzonderlijk allerlei bronnen gesproken en deelden het materiaal met elkaar voor de verschillende nationale publicaties. We naderden de publicatiedatum en dat is altijd het moment dat er spanning ontstaat. Toen belde een Belgische collega met de vraag of ik een citaat even wilde voorleggen aan een van mijn bronnen. Ik zei: geen sprake van. Dat doen we nooit in Denemarken. Maar haar redacteur gaf geen toestemming om te publiceren zonder een bevestiging van de geciteerde. Ik wist dat het een belangrijke quote was en ik wilde mijn collega niet laten zitten, dus uiteindelijk heb ik het, al mopperend, toch gedaan.

Nu gebeurde dit op het laatste moment, maar voortaan bespreek ik zoiets eerder. Toch zullen er altijd weer onverwachte problemen opduiken. Bovendien is niet in alle landen de wet hetzelfde. Jij neemt bijvoorbeeld dit interview op. Je vroeg het me van tevoren en dat is in Duitsland een voorwaarde om de informatie te mogen gebruiken. Maar in Denemarken kan ik gewoon alles opnemen en citeren. Allemaal dingen waarmee je rekening moet houden.’

Netwerken opbouwen

Er zijn inmiddels een paar Europese en internationale samenwerkingsverbanden, verbaast het jou dat pogingen om een pan-Europees medium te beginnen tot nu toe niet overtuigend zijn?

‘Voor een pan-Europees medium hebben we een pan-Europees publiek nodig dat geïnteresseerd is in pan-Europese verhalen. In de praktijk is dat slechts een kleine groep Erasmusstudenten. In die zin denk ik dus dat een pan-Europees publiek niet bestaat. Ik geloof wel dat er een Europese publieke sfeer bestaat, maar ik denk dat die bestaat uit netwerken rondom specifieke onderwerpen.

Met Arena zijn we bezig dit soort netwerken op te bouwen. We hebben bijvoorbeeld een netwerk genaamd Cities For Rent. Blijkbaar zijn er corporaties die in heel Europa woningen kopen, huurprijzen verhogen en huurders niet goed behandelen. En wie reguleert dat? Deels gebeurt dat lokaal, deels nationaal en deels op Europees niveau. Cross-border collaboration is voor dit onderwerp volkomen logisch.

Toen ik begon met cross-bordersamenwerking vond ik mijn fellow nerds. Het is zowel persoonlijk als professioneel een verrijking

Vervolgens is het de taak van elke journalist in het team om de vertaling te maken naar wat relevant is voor je eigen publiek. Dat is mijn plicht als journalist. Ik ken mijn publiek, ik bedien mijn publiek. De datavisualisatie van de huurprijzen was bijvoorbeeld zo gemaakt dat wanneer je die in Athene opende, je de Griekse cijfers in rood zag en de andere Europese steden grijs. Dus lezers in Athene zagen direct de informatie die voor hen relevant is, maar wel ingebed in Europese context.’

Wat is de grootste uitdaging voor journalisten die willen beginnen aan een cross-bordersamenwerking?

‘De grootste stap is je collega’s niet langer zien als concurrenten. Vanuit de ‘papieren eeuw’ zijn journalisten gewend om te concurreren. Exclusieve verhalen verkopen immers. Deze logica is diep geworteld in de journalistiek traditie. In die zin is het logisch dat samenwerking tussen journalisten in internationaal verband is begonnen: op dat niveau concurreren journalisten niet met elkaar. Cross-bordersamenwerking, ook op nationaal niveau, vereist allereerst een andere mindset.

Uiteindelijk is het ook gewoon heel leuk. Stel je voor: ik werkte bij een krant en was gespecialiseerd in EU-landbouwbeleid. Ik had fantastische collega’s, maar geen van hen was zo nerdy als ik met betrekking tot dit specifieke onderwerp. Toen ik uiteindelijk naar andere media stapte en begon met cross-bordersamenwerking vond ik mijn fellow nerds. Simpelweg fantastisch. Het is zowel persoonlijk als professioneel een verrijking.’

Event: Cross-border binnen Nederland

Op 29 juni vindt het evenement ‘Cross-border binnen Nederland‘ met Brigitte Alfter plaats. Wie interesse heeft om samen met collega-journalisten uit andere regio’s onderzoek te doen naar hetzelfde onderwerp, kan tijdens het evenement meteen aan de slag. De dag staat in het teken van het uitwisselen van ideeën, het ontmoeten van vakgenoten en het verkennen van mogelijke samenwerkingen binnen Nederland. Ook is het mogelijk om met het Stimuleringsfonds in gesprek te gaan over subsidiemogelijkheden voor samenwerkingsprojecten. Toegang is gratis. Alles over het evenement vind je hier.

Foto: Marc Kleen

Nieuwsbrief

Ontvang ons laatste nieuws
Hidden
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.